Over inspiratie gesproken.

Enkele weken geleden reden mijn collega en ik naar Genk om afspraken te maken met kunstenaar Koen Vanmechelen. Onze andere collega gaat met pensioen. Hij is een groot bewonderaar van Koen en dus leek het ons een mooi idee om hem te vragen als spreker tijdens het grote afscheid. In de drukke agenda van de kunstenaar bleek wonder boven wonder een gaatje te zitten en hij was ook nog bereid om te komen. 

De TomTom bracht ons naar het atelier van Koen in Genk om afspraken te maken voor het afscheid. Hier moet het zijn zei ik. Nee zei mijn collega, dat geloof ik niet. Dat kan nooit de werkplek van Koen zijn. We zagen een bordje atelier van Koen Vanmechelen. Wel dus. 

We liepen een prachtig strak grijs gebouw met een betonnen wenteltrap tegemoet. Eenmaal boven aan die trap zagen we dat dit de ingang niet moest zijn. Naar beneden maar weer en op zoek naar dé ingang. Onder het gebouw kwamen we in een ruimte met prachtige kunstwerken in een hele serene sfeer. Wat een belevenis. We zagen inmiddels ook een intercom en besloten aan te bellen. Een stem bevestigde dat we verwacht werden en we konden achter een zware deur de lift instappen. We waren even blij dat we niet alleen waren. We stapten de lift uit en liepen direct een enorme tentoonstellingsruimte in. Verwonderd keken we om ons heen met maar één vraag: Is dit een atelier? 

Een vriendelijke jongeman ving ons op in de keuken. De rode professionele keuken viel mij direct op. Ook viel mijn oog op een enorme marmere tafel in het midden. Niets is toevallig hier was wat ik dacht. De vriendelijke man nam de tijd voor ons en leidde ons vervolgens rond door het museum…of was het toch een atelier? 

Museum of atelier?

We werden meegenomen in de wereld van deze mondiale kunstenaar. Het verhaal over de kippen. Het kruisen van de rassen. De sterke kippen die daaruit ontstaan. Het werk in verre landen. Het versterken van veestapels daar. De samenwerking met de wetenschap, de contacten met vakmensen in de hele wereld. Een overweldigend verhaal werd verteld door iemand met een enorme toewijding voor zijn werkgever. https://www.koenvanmechelen.be/

De werkgever zat op de bovenverdieping aan zijn computer. We kregen ook daar een warm welkom en Koen zou even later aan de marmeren tafel aanschuiven. Daar werden we wederom ondergedompeld in de wereld van Koen Vanmechelen. Met La Biomista als absoluut hoogtepunt. 

Vanaf de bovenverdieping

Al stuiterend verlieten mijn collega en ik het atelier of was het toch een museum? We konden niet bevatten wat we allemaal gezien hadden en maakten nog even een wandeling door de toekomstige soort van dierentuin in aanleg. Een grote Golem verscheen door de bomen heen. Natuurlijk hebben we ook die bewonderd en heel rustig waren we eraan toe om deze prachtige, wonderlijke omgeving te verlaten. 

Golem

Eenmaal thuis kon ik eigenlijk niet goed vertellen wat ik had meegemaakt. Ook op mijn werk de volgende dag konden we deze verrassing niet prijsgeven. Ik denk dat ik er nog twee weken van gestuiterd heb. Ik ben gegrepen door de passie, de lef en de daadkracht van Koen. Zo je dromen verwezenlijken en je doelen halen en waarmaken wat je bedenkt vind ik bewonderingswaardig en het raakt me. Dat is weinigen gegeven en ik kan er alleen maar van genieten.

Gisteren was het afscheid van onze collega en Koen heeft er zijn verhaal gedaan zoals alleen hij dat dus kan. Via deze blog waag ik me eraan maar de linkjes in de tekst zijn er echt niet voor niets. Veel mensen hebben mij teruggegeven dat ze geraakt waren door het verhaal. Dat ze geïnspireerd zijn en genoten hebben. 

Zo fijn dat ik nu eindelijk deze unieke ervaring mag delen met iedereen die begrijpt dat de samenleving een systeem is waarin zaken met elkaar verbonden zijn. Dat de hokjes die we hebben door ons verzonnen zijn. Dat kunst en wetenschap hand in hand kunnen gaan. Dat onderwijs en kunst in verbinding zijn en dat we op allerlei manieren de wereld een klein beetje mooier kunnen maken. 

Lizette Knuvers Mijland vrijdag 9 november 2018

Als je kind temperament heeft…

Mijn kind loopt niet altijd in de pas. Is regelmatig ondeugend en doet niet zomaar wat haar gevraagd wordt. Ik maak me daar zelf niet altijd druk over, want het hoort bij haar. Het maakt haar onafhankelijk, zelfstandig en eigengereid. Ik vind het eigenlijk juist mooi. Ze maakt eigen keuzes. Is duidelijk aan het groeien. We proberen als ouders steeds meer afstand te nemen van het schoolse leven en hopen dat ze steeds vaker de problemen zelf probeert op te lossen.

Helaas zijn er momenten waarop mijn oermoedergevoel boven komt drijven en ik heel veel moeite moet doen om me er niet mee te bemoeien. Ouders van temperamentvolle kinderen krijgen het regelmatig te verduren omdat veel mensen iets vinden van onze kinderen. Onze kinderen zijn soms lastig en vaak aanleiding tot gespreksstof. Het overkomt ons dan ook heel regelmatig dat we worden aangesproken. Dat maakt mij vaak moedeloos en verdrietig.

Mijn kind heeft het af en toe moeilijk en uit dat op een expressieve manier. Andere kinderen schrikken daarvan en dat begrijp ik. Wij praten daar met onze dochter vaak over. Ik zou de volwassenen om de kinderen heen echter willen vragen om het positieve van alle kinderen te willen blijven zien. Bekijk de zaken eens vanuit het perspectief van het andere kind. Heb het daar met je kind over. Elk kind heeft uitdagingen. Die van jou vast ook.

Misschien komt het gedrag van mijn kind wel voort uit onbegrip, eenzaamheid en frustratie. Misschien is mijn kind ook wel heel gevoelig, misschien is mijn kind eigenlijk gewoon heel verlegen. Misschien is mijn kind constant op haar hoede…misschien…

Meer dan ooit begrijp ik de ouders van de temperamentvolle kinderen die ik ooit ben tegengekomen in mijn schoolloopbaan. Ik hoop dat ik naar ze geluisterd heb en dat ik hun kinderen heel veel liefde en begrip heb gegeven. Ik hoop dat ik deze ouders gesteund heb en ze een positief gevoel heb gegeven. Juist deze kinderen en hun ouders hebben het zo nodig.

Binnenkort is het vakantie en ik kan bijna niet wachten. Eindelijk tijd om mijn kwetsbare kind zes weken lang veel te knuffelen en van dichtbij te zien groeien. Even rust, even wat minder prikkels en even gewoon lekker mogen zijn wie je bent.

Lizette Knuvers Mijland

Links uit CiST presentatiedag

Link

De volgende hyperlinks zaten in de presentatie van Lizette Knuvers-Mijland op de CiST presentatiedag op 7 juni 2018 in Cultureel Centrum Jan van Besouw Goirle. Meer informatie over CiST is te vinden op de CiST website

Rapport De Staat van het Onderwijs 2018

Artikel op Komenskypost over wat scholen allemaal moeten

Website Dick van der wateren over techniek in het onderwijs

De Yurls website van meester Jorrit met zijn #makered ideeën en techniekzolder

De website van #Makered (maker education)

De klooikoffers van de website lekker samen klooien

en de Nederlandse website over Lifehacking

Allemaal kansen die nu blijven liggen

Mijn onderwijsmoment van 2017 vond plaats op een maandag. Voor het Talentnetwerk mocht ik een workshop verzorgen in het kader van cultuureducatie en hoogbegaafdheid. Dé twee thema’s die mij hebben beziggehouden in het afgelopen jaar. Cultuureducatie is het hoofdthema binnen mijn huidige baan. Samen met mijn collega’s probeer ik de culturele partners in onze stad te verbinden aan het onderwijs. Een leuke uitdagende opdracht. Hoogbegaafdheid is op dit moment vooral nog een privéthema. In meerdere vorige blogs op Onderwijskoppen heb ik hier over geschreven.

Binnen het aanbod voor hoogbegaafden hebben wetenschap en techniekonderwijs hun plekje gekregen. Cultuureducatie heeft daarbinnen nog geen structurele plek. Ik vond dat als ouder nogal opvallend. Vooral omdat mijn kind daar heel warm voor draait. Bij andere hoogbegaafde kinderen zie ik op dat gebied juist ook veel uitdagingen. Allemaal kansen die nu nog blijven liggen. Binnen het reguliere onderwijs krijgt cultuureducatie steeds vaker een structurele rol. Cultuureducatie als aanjager en verbinder binnen het nieuwe leren.

Gelukkig heb ik binnen het samenwerkingsverband van mijn stad bijval gekregen en samen met de partners zijn we nu in gesprek om te bekijken hoe we er een structureel kwalitatief goed aanbod voor hoogbegaafden van kunnen maken. Ingebed binnen de huidige structuur. Inmiddels heb ik al heel wat informatie rondom dit thema verzameld en ik denk dat er behoefte is om binnen het onderwijs (hoogbegaafde) kinderen tot leren aan te zetten door middel van cultuuronderwijs. De plannen worden op dit moment gemaakt. Voor nu even terug naar mijn onderwijsmoment…

Maandagmiddag laat op de dag is een onmogelijk tijdstip natuurlijk, maar er waren toch een kleine twintig geïnteresseerden. Ik had anderhalf uur de tijd en ik besloot om het verhaal van mijn dochter als voorbeeld te nemen. Haar leerkracht nodigde ik uit om samen met mij het verhaal te doen. Ik vind het altijd heel krachtig als informatie recht uit de praktijk komt en een workshop niet slechts blijft bij een mooi verhaal.

De leerkracht van mijn dochter vertelde hoe ze mijn dochter dmv een creatief kastje (prachtidee geïnspireerd naar het idee van atelier in een koffer) tot actie wist aan te zetten. Allerlei mooie knutsels en frutsels werden vanuit het experiment gemaakt. Materiaal stond centraal, er was geen opdracht. De leerkracht zag voor het eerst een twinkeling in de ogen van mijn kind. Tijdens de prutsfase maakt mijn dochter nep lipstift en lippengloss. Dat bleek haar te fascineren. Op dat moment gebeurde het…

Mijn dochter kreeg na deze fase een opdracht en voerde hem uit. Ze moest een recept van echte lipgloss opzoeken en deze lipgloss daarna ook echt gaan maken. Aan allerlei voorwaarden moest voldaan worden. Het recept moest er piekfijn uitzien, de ingrediëntenlijst moest kloppen, de spullen aanwezig zijn en een plan van aanpak moest geschreven worden. Voor het eerst in maanden kwam dochterlief in actie, zo mooi!

Dit succes wilde ik op die bewuste maandag delen. Mijn dochter die weer langzaamaan aanging door de koppeling met cultuureducatie en de leerkracht die er enthousiast ingesprongen is en samen met mij de stappen doorlopen en verzonnen heeft. Voor mijzelf een mooi moment omdat ik weer het gevoel kreeg mensen te kunnen enthousiasmeren, te spiegelen en iets te leren. Ik kan niet wachten tot kunstvakdocenten en leerkrachten samen een rol kunnen spelen binnen deze processen.

Tijdens die middag spraken de deelnemers in ieder geval uit dat het inderdaad belangrijk is om het creatieve proces een prominente rol te geven binnen het onderwijs aan hoogbegaafden. Samen vergeleken we het Tascmodel, een veelgebruikte werkwijze, met het model rondom de vier creatieve vermogens uit de culturele ladekast. we kwamen tot mooie inzichten en conclusies. De komende tijd gaan we hiermee aan de slag. Culturele instellingen moeten we rondom dit onderwerp wakker schudden en vanuit het netwerk rondom het hoogbegaafden onderwijs is hier in Brabant al veel belangstelling om mee te denken en te leren. Er is werk aan de winkel en daar word ik vooral ook heel blij van.
Lizette Knuvers Mijland, @lmijland

Die opmerking tijdens de Meetup013 raakte me

Tijdens de meetup013 over maakonderwijs van 11 oktober raakte ik in gesprek met de eigenaar van het Walhallab in Zutphen. Via Twitter hadden we al wel eens wat contact, maar een reallife ontmoeting is toch altijd weer wat anders.

We hadden zojuist samen geluisterd naar een enthousiast verhaal over design thinking. Een opmerking die ik daar hoorde raakte me. “Je moet wel een doel hebben” hoorde ik. “Als je geen doel hebt ben je bezig met niks.” Deze zin zette me aan het denken. Hoezo dan? Waarom niet? Is bezig zijn met niks niet juist alles?

Ik denk dat deze zin mijn drijfveer om te werken voor het onderwijs raakt. Wat mij betreft moeten we juist veel meer doelloze dingen in het onderwijs doen. Experimenteren, aanklooien, rommelen. Geraakt raken, enthousiast worden…De afgelopen jaren is men doorgeschoten. Alles moest een doel hebben. Meetbare resultaten stonden centraal. Ik zag veel leerkrachten worstelen met de hoeveelheid aan einddoelen en resultaatnormen. Vaak zei ik dan dat ze keuzes moesten durven maken. Vooral doen wat je leerlingen nodig hebben en waar jij warm voor loopt.

Maar hoe weet je nu wat je leerlingen nodig hebben? Maar al te vaak denken we dat we het weten door kinderen te testen en te toetsen. Ik denk dat we het juist beter zien en weten door af en toe rust te nemen. Te kijken, maar dan ook echt te kijken. Toen ik kleuterjuf was deed ik dat altijd tijdens het vrij kiezen. Kijken bij welke kinderen dat lukte, wat ze gingen doen. Wie er tot een keuze kwam en wie niet. Heerlijk met je klas aanklooien. Ik zorgde dan wel voor een rijke omgeving met veel knutsel en bouwmateriaal. Meestal maakte ik op dat moment ook zelf iets. Niet al te ingewikkeld zodat ik mijn ogen goed de kost kon geven. De vrije keuze momenten lagen in die tijd onder vuur. De lessen moesten gedegen voorbereid worden met helder omschreven doelen.

Tijdens de meetup ging ik met mijn gedachten terug in die tijd. Ook naar de tijd die ik doorbracht aan de academie voor beeldende vorming in Tilburg. Ik heb daar geleerd het experiment aan te gaan. Eerst te doen en dan te denken. Denken kan en kon ik namelijk als de beste. Nieuwe dingen aangaan en gewoon eerst lekker doen iets minder. Het doelmatig en procesmatig werken kwam na dat experiment vaak vanzelf op gang.

Marco Mout van Walhallab nodigde mij in ons gesprek tijdens de Meetup013 uit om in de herfstvakantie eens langs te komen met mijn dochter. Afgelopen donderdag deden we dat. Een warm ontvangst kregen we terwijl we toch op een onaangekondigd moment binnen stapten. De medewerker die ons rondleidde vertelde “Wij gaan om met onze jongeren op een manier zoals we zelf ook behandeld willen worden.” Ik voelde dat dat ook echt gebeurde op die plek. De jongeren die ik gesproken heb vertelden met plezier hun verhaal, keken me open aan en waren ondertussen heerlijk aan het experimenteren. Geen uitgetekende plannen, maar gewoon lekker aan het doen.

Volgens mij is ook dát onderwijs. Misschien wel juist onderwijs omdat de veilige plek die nodig is om te leren juist hier geboden wordt met alle facetten in zich. Samen met mijn dochter ging ik na ons bezoek de stad in om te lunchen en Zutphen verder te bekijken. Aan het einde van de middag trok ze me aan mijn mouw en vroeg ze me om nog even terug te gaan naar die leuke plek. Ook mijn dochter voelde de sfeer daar en voelde dat ze er welkom was. De dagen daarna hebben we samen veel gemaakt en aangemodderd. Gewoon zonder plan zonder doel en bovenal zonder pretentie.

Ik wens de mensen van Walhallab een hele mooie toekomst toe. Het zou zo maar kunnen zijn dat dit ogenschijnlijk eenvoudige concept dé oplossing is voor heel veel kinderen die vastlopen in ons huidige onderwijs.

Lizette Knuvers Mijland
Oktober 2017

Eliteschool of toch niet?

Sinds de start van het nieuwe schooljaar bezoekt onze dochter een speciale fulltime voorziening voor hoogbegaafde leerlingen. De weg hier naar toe was geen gemakkelijke. Vanaf dit huidige schooljaar is in onze omgeving deze voorziening gestart. Het is nodig om duidelijk te maken hoe noodzakelijk het is dat we in Nederland onze expertise in het onderwijs op dit gebied vergroten. Graag draag ik daar aan bij. Als ouder maar ook zeker als professional.

Vanaf het jaar 2000 ben ik werkzaam in het onderwijs. Voornamelijk in wijken waar veel onderwijsachterstand is. Het onderwijs wat ik in die tijd zelf verzorgde was vooral gericht op het inhalen van onderwijs en ontwikkelingsachterstanden. De leerlingen die lekker meekonden of zelfs vooruit liepen waren af en toe een ware verademing gedurende een schoolweek. Ze waren ook op een handje te tellen. Ik verzon leuke dingen voor hen, maar was met hen veel minder bewust bezig met het halen van onderwijsdoelen. We richtten op die scholen daarom wel een plusklas in en daarmee was mijn bemoeienis wel ten einde. Het onderwerp had voor mij geen prioriteit.

De scholen die te maken hebben met flinke onderwijsachterstanden zijn gewend individueel naar de leerlingen te kijken. Vooral daar waar het vaak om tweede taal verwerving gaat leren de leraren al vroeg te zoeken naar de onderwijsbehoeften. Ik ben wat betreft het begeleiden van leerlingen op veel scholen eigenlijk helemaal niet zo heel bezorgd. Daar waar leerkrachten kinderen zien kan gewerkt worden aan passend onderwijs.

Toch ligt het allemaal niet zo simpel. Daar kwam ik als moeder al heel snel achter. Ik had totaal geen kaas gegeten van de problematiek van mijn eigen kind. Ik zag haar wel, maar had geen idee wat ik in lastige situaties moest doen. Ik heb alles wat los en vast zit over dit onderwerp gelezen en ik begin zo langzamerhand een expert te worden op dit gebied. Door intensieve begeleiding en veel gesprekken op maat heb ik wat meer grip op de situatie gekregen en kan ik beter reageren op mijn kind in de dagelijkse omgang. Een belangrijke constatering is echter dat de situatie steeds verandert en dat ik moet leren om steeds opnieuw bij te stellen. Was me totaal niet bewust van de complexiteit van hoogbegaafde kinderen.

Ik ben er altijd heilig van overtuigd dat je leerlingen in de eigen school moet kunnen bedienen. Verwijzingen naar het speciaal onderwijs vond ik altijd moeilijk. Het voelde voor mij als leraar/ directeur als falen. Dat je eigenlijk zelf moet leren om te veranderen, maar dat je vast zit in een systeem. Heel af en toe had ik dat gevoel minder, dan was het voor het kind de allerbeste optie. Dan was er echt iets anders nodig dan dat ik kon bieden met welke hulp dan ook.

Onze dochter hoort bij een heel klein groepje leerlingen met een hoog IQ. Ik merk dagelijks dat er ook voor haar iets anders nodig is. Ze past niet binnen ons huidige onderwijssysteem. Haar denkwijze en zijn wijken teveel af van het gemiddelde. De schoolse omgeving is niet veilig voor haar en het contact met andere leerlingen is vaak te complex.

Het passend aanbod wat ze nu ontvangt in de Talentklas is absoluut nodig en zorgt er ieder ieder geval voor dat ze omringd wordt door mensen die net iets meer van haar begrijpen en net wat meer tijd hebben om de juiste begeleiding te verzorgen. Het ontmoeten van peers is daarbij erg belangrijk. De problemen van onze kinderen zullen niet zomaar opgelost worden, maar zijn hopelijk in de toekomst meer hanteerbaar.  Laten we daar alsjeblieft samen voor gaan.

 

 

 

 

 

Lizette Knuvers Mijland september 2017

Wij hebben ook een kleine Bram

Vorige week vertelden de ouders van Bram hun verhaal. Bram is vijf jaar en zit inmiddels halve dagen thuis. Hij wil niet naar school. Als Bram op school is merk je niets aan hem. We zagen leuke foto’s voorbij komen van een vrolijke jongen. Vervolgens liet de moeder van Bram een filmpje zien van hem vroeg in de ochtend. Een huilende jongen, volledig overstuur, die weigert om mee te gaan naar school. Mijn man en ik keken elkaar aan. Wij hebben ook een kleine Bram…

In mijn telefoon zit een vergelijkbaar filmpje. Een filmpje dat ik zelf eigenlijk niet wil zien. Een filmpje van een dochter die overstuur is, boos en verdrietig is en zich machteloos voelt. Een dochter die alles van de wereld wil begrijpen en zich vaak heel alleen voelt. Niet veel mensen zien haar zo, want ons kind is ook heel vaak blij en gezellig. Daarnaast laat onze dochter (gelukkig) redelijk gewenst gedrag zien op school. Inmiddels weten we waarom ze zich zo vaak alleen en niet begrepen voelt. De diagnose is gesteld. Zie mijn blog: En dan is daar het etiket en eigenlijk ben ik er best blij mee. Bijzonder begaafd noemen ze het. Één op de duizend kinderen valt onder deze categorie en je moet maar net geluk hebben om in een middelgroot dorp een vergelijkbaar leeftijdsgenootje te vinden. Vooralsnog is dat dan ook nog niet helemaal gelukt.We boffen, want onze dochter heeft een juf die bevlogen is, ook op het gebied van hoogbegaafdheid. Een juf die er alles aan doet om ons kind te helpen. Hierdoor gaat ze elke dag naar school en geniet ze er ook regelmatig van. Ze wordt uitgedaagd om moeilijke opdrachten aan te gaan en ze wordt gezien. Probleem opgelost zou je denken.

We maken ons ondanks de positieve rol van de school toch vaak zorgen. We zien ons kind worstelen. We zien haar eenzaamheid en verdriet. Ze kan haar gevoelens moeilijk delen. Probeert dat met ons wel te doen, maar wil dat niet altijd. Ze reageert vaak prikkelbaar en is heel gevoelig. Via deze link over positieve desintegratie kun je hier meer over lezen. Ze heeft echt wel een paar lieve vriendinnetjes op school, maar ze kan ze niet altijd volgen. Haar vriendinnetjes volgen haar ook niet altijd. Nieuwe vriendschappen vindt ze moeilijk. Ondanks dat haar vriendinnetjes vaak heel lief en betrokken zijn voelt het voor haar niet zo. Én dat is precies datgene wat we heel serieus moeten nemen.

Het samenwerkingsverband in onze regio is aan het nadenken over een voorziening voor jonge hoogbegaafde kinderen die vastlopen op hun school. Voor kinderen onder de 8 jaar. We mochten hier als ouders over meedenken. Op deze plek vertelden ook de ouders van Bram hun verhaal. Het zou zo fijn zijn als onze kinderen elkaar ergens kunnen ontmoeten en samen hun ingewikkelde weg kunnen bewandelen. Ik vind vanuit mijn eigen onderwijsovertuiging eigenlijk dat we moeten proberen elk kind te helpen op de school waar het zit. Ik word als onderwijsmens heel warm van het concept van een inclusieve school, maar ik weet ook dat er soms kinderen zijn met een speciale onderwijsbehoefte. Kinderen die gelijkgestemden nodig hebben om zich goed te kunnen ontwikkelen en zich fijn en gewenst te voelen. Kinderen die een aangepaste onderwijsomgeving met expertise nodig hebben om hun eigen bijzondere pad te mogen bewandelen. Laten we dat alsjeblieft blijven zien in de wereld van passend onderwijs en laten we ervoor zorgen dat we goede kwalitatieve voorzieningen hebben daar waar ze hard nodig zijn. Het is behoorlijk slopend om je kind te zien ploeteren en worstelen op een hele jonge leeftijd…

Wij wachten de nieuwe ontwikkelingen van het samenwerkingsverband samen met andere ouders uit de regio met heel veel belangstelling af.

Lizette Knuvers Mijland april 2017

 

Dan moet ik altijd hard werken en daar heb ik geen zin in

Ik probeer veel complimenten te geven. Goede kwalitatieve complimenten. Complimenten die gaan over het proces en niet over het eindresultaat. Hiermee probeer ik de mindset van onze dochter te veranderen. Dat moet. De mindset die ze nu heeft en waarschijnlijk al heel lang heeft is niet goed voor haar. Het is een fixed mindset. Ze scoort op alle facetten de maximale score. Een fixed mindset in het kwadraat dus…

Wat is dat een fixed mindset? Je hebt geen zin in nieuwe dingen, alleen als je zeker weet dat je geen fouten maakt. Je intelligentie staat vast. Als je fouten maakt projecteer je die op jezelf. Je hebt snel last van faalangst. Je hebt geen zin in nieuwe uitdagingen die moeilijk zijn. Je gaat voor makkelijk en veilig. Je herhaalt vaak de dingen die je al kan en geniet over het algemeen niet van complimenten.

Tegenover een fixed mindset staat de growth mindset. Deze mindset is het beste. Dat lees je overal op dit moment. Als je een growth mindset hebt durf je fouten te maken en leer je het meeste. Je gaat met plezier door de leerkuil, spant je graag in voor een beter resultaat. Durft dat resultaat weer ter discussie te stellen en leert op die manier weer verder.

Mijn uitleg is natuurlijk wat kort door de bocht, maar geeft het verschil aardig weer. Deze theorie zet me al enige tijd aan het denken. Hoe zit het nu en vooral hoe zit het bij onze dochter en hoe zit het bij mezelf? Onze dochter is voorlopig niet van plan om naar een growth mindset te gaan, ze weet heel goed dat iedereen om haar heen dat van haar vraagt en zegt dat dat het beste is. Vooralsnog ziet ze het zelf anders. Ze kan het piekfijn uitleggen. “Dat ga ik niet doen mama, dan moet ik altijd hard werken en daar heb ik geen zin in.”

Als ik naar mezelf kijk zie ik op verschillende vlakken een andere mindset. Op zoek gaan naar nieuwe dingen als het gaat om mijn professionele ontwikkeling vind ik heerlijk, maar zodra het gaat over de connectie met mijn fysiek zit ook ik in een behoorlijke fixed mindset. Als het gaat over het doorbreken van dagelijkse gewoontes ben ik hartstikke fixed. Het liefst gaan praktische zaken elke dag hetzelfde. De veranderingen mogen vooral plaatsvinden op het inhoudelijke vlak. Ik geloof dus dat je beide mindsets in je hebt en dat je vooral bij datgene wat je onzeker maakt en dat wat je moeilijk vindt je vaak in een fixed mindset schiet of zit.

Als ik dan met mijn gedachten terug ga naar onze dochter zit zij op sommige vlakken juist in een gigantische growth mindset. Eigen smeersels maken van shampoo en water en bloemetjes vindt ze geweldig. Allerlei zakjes, bakjes verzamelen met de leukste spulletjes vindt ze ook heel leuk. Daar weer dingen van maken ook. Zelf een spellencircuit verzinnen, een speurtocht maken, ideetjes in elkaar frutselen…noem maar op. Als je dan feedback geeft schiet ze vrij makkelijk door naar het volgende idee. Ik zie haar op die momenten genieten en plezier hebben. Moeite ergens voor doen lijkt dan geen probleem.

Eigenlijk weet ik gewoon niet goed wat ik met deze actuele populaire theorie moet die je op dit moment overal ziet en leest in verschillende contexten. Ik heb geen idee hoe ik die fixed mindset te lijf kan gaan. De tips die gegeven worden snap ik, maar zijn nog niet zo effectief. Niet bij mijn dochter en al helemaal niet bij mezelf. We doorzien daarvoor te goed dat het een theorie is. We manipuleren daarvoor te graag. Wat ik wel kan verzinnen is dat we moeten starten bij dat wat wel goed gaat, daar waar het plezier zit. Uitgaan van intrinsieke motivatie en ontdekkingsdrift.

Die bewuste leerkuil is mooi getekend en ik begrijp de bedoeling ervan. Ik vraag me af of veel mensen daar echt komen en of dat dan de oplossing is? Wil je er weer naar toe als je er eenmaal geweest bent? Hoe werkt het in onze breinen? Ik vraag me af of ik er zelf überhaupt al ooit geweest ben…of ik zelf al ooit ergens heel veel moeite voor gedaan heb en daadwerkelijk buiten mijn comfortzones heb gezocht naar echte magie…

Lizette Knuvers Mijland maart 2017

Laten we vuurtjes aanwakkeren

In groep 7 zat ik bij juf Marja in de groep. Een juf met een passie, niet zozeer voor het onderwijs, maar vooral voor tekenen en schilderen. Je zag het aan haar handen. Werkhanden, geen lange nagels, nooit helemaal schoon. Als gevoelig kind merkte ik aan juf Marja dat ze pas echt gelukkig was als we gingen tekenen. De juf was meestal streng en recht toe recht aan, maar als we gingen tekenen veranderde dat. Heerlijk vond ik het, want ook ik bloeide op in de klas als er getekend of geschilderd mocht worden.

Juf Marja mocht in mijn poëziealbum schrijven en toen ik hem terug kreeg werd ik betoverd. Een tekening van het hoofd van een meisje met een gedicht met calilligrafie-letters geschreven. Hoe het gedicht ging weet ik niet meer, maar die tekening kan ik me nog precies voor de geest halen. De weken erna tekende ik hem namelijk wel honderd keer na. Ik wilde dat ook kunnen. Met potlood en pen door elkaar het mooiste meisje van de hele wereld tekenen.

Van de week vond ik mijn poëziealbum terug.

Vele jaren later kwam ik juf Marja weer tegen. Met mijn ouders gingen we een atelierroute door de stad fietsen. Ik wilde graag naar de kunstacademie. Mijn ouders hielden dat niet tegen, maar vonden het wel goed dat ik een breder beeld kreeg van het beroep. Toen stonden we daar in het huis van mijn juf van vroeger. Vol met olieverfschilderijen en op de zolder een groot atelier. Haar man bleek beeldhouwer te zijn en heel hun huis ademde kunst. Weer werd ik gegrepen.

We raakten in gesprek en de juf vertelde over haar passie. Van haar ouders moest ze echter een “echt” vak leren en ipv naar de kunstacademie gaan deed ze de Pabo. Ze had er geen spijt van, zo was de tijd, ze wenste mij veel succes met mijn keuzes.

Ik ging naar de kunstacademie en genoot vier jaar lang met elke vezel in mijn lijf van deze opleiding. Ik leerde er werken. Letterlijk. Sjouwen, minder denken, veel doen. Heerlijk was het. Ik was een leerling die alles kwam aanwaaien en nu moest ik aan de bak, werken, produceren. Wat heb ik veel geleerd. Het werd gewaardeerd, ik studeerde af met prachtige cijfers.

Helaas koop je daar niets voor, na een jaar ploeteren en zwoegen in het echte leven waarin niets kwam aanwaaien nam ik opnieuw een besluit. Wat juf Marja deed kon ik ook. Er moest geld in het laatje komen en waarom niet met werk dat me leuk leek. Ik startte in het derde jaar van de Pabo, rondde mijn opleiding snel af en werkte daarna 16 jaar lang in het basisonderwijs. In juni 2016 besloot ik dat het tijd was om het roer om te gooien.

Afgelopen vrijdag vertelde ik een schoolteam over mijn juf Marja en wat zij bij mij had losgemaakt. In mijn huidige baan begeleid ik cultuurtrajecten op scholen en probeer ik het belang van goede cultuureducatie in de vezels van onderwijsmensen te krijgen. Mijn twee werelden zijn eindelijk verbonden en daar geniet ik volop van.

Mij heeft dat ene moment in groep 7 veel gebracht. Onze vakdocenten die werken op de scholen voor Cultuur met Kwaliteit noemen dit zo mooi “vuurtjes aanwakkeren”. Van mij mogen er heel veel vuurtjes aangewakkerd worden en wat zou het mooi zijn als het huidige onderwijs ook nog voor wat brandjes kan zorgen.

Lizette Knuvers Mijland februari 2017

En dan is daar het etiket en eigenlijk ben ik er best blij mee

Bloggen doe ik regelmatig…ik doe dat over allerlei onderwijszaken en bijbehorende gedachten die ik erover heb. Mijn eerste blog schreef ik op onderwijswijven.nl en inmiddels heb ik mijn eigen blogsite. Op dit moment vraag ik mensen om hun ploeterverhalen en koestermomenten voor mij op te schrijven. Deze verhalen deel ik met veel liefde en plezier en daarmee vraag ik nogal wat. Ik vraag mensen om hun kwetsbare momenten op te schrijven en te delen. Het is tijd om het goede voorbeeld te geven. Het is tijd voor mijn eigen persoonlijke ploeterverhaal…

Onze prachtige dochter werd zes jaar geleden geboren. Mijn man en ik kwamen terecht op een roze wolk. We genoten samen van elk moment, elke stap die gezet werd. Dat waren er in het eerste levensjaar al super veel. Toen onze dochter zes maanden oud was vertelde mijn man dat ze “papa” gezegd had. Ik geloofde er niets van. Hij had het echter gefilmd en het was echt waar. Een duidelijke “papa”. In die maanden volgden vele woorden, gelukkig ook snel “mama” en met het jaar sprak onze dochter in korte kleine zinnetjes. Het draaien, rollen, kruipen en schuiven lag ook prima op schema. Toen wisten we nog niet dat we nog een flinke lange tijd moesten wachten op de eerste stapjes. Met 19 maanden was het eindelijk zover. Ze zat op een grindpad op de camping te kijken naar andere kinderen. Mijn man zei: “let op”…en ja hoor dochterlief stond op en liep aan…zonder te struikelen, te haperen of te wankelen.

Toen ze twee jaar werd waren op de school waar ik toen werkte de Nationale Voorleesdagen bezig. Ze stonden in het kader van het boekje: Nog 100 nachtjes slapen.Tot mijn grote verbazing zat ze dit verhaal aan tafel zachtjes te vertellen. “Wat ben je aan het doen?” Vroeg ik. “Oh ik zal het boekje wel even aan jou vertellen mama” zei ze. Elke woord vertelde ze letterlijk na. Onze dochter had het hele boekje gememoriseerd tijdens het voorlezen en kon het met de juiste intonatie precies navertellen. Ik schrok…was dat normaal?

In de jaren daarna volgde meer van deze momenten, maar wij maakten ons geen zorgen. Op het Kinderdagverblijf zat ze lekker in haar velletje en ze genoot van de momenten daar. Ze mocht daar lekker schilderen in het atelier en kletsen met juffies. Ze had er twee vriendjes, daar speelden ze fijn mee en soms was ze zelfs wat ondeugend. Totdat haar vriendjes eerder vier jaar werden en naar de basisschool gingen. Een lastige periode volgde, ze had meer moeite bij het afscheid nemen en zei dat ze niet meer wilde gaan. We dachten samen met de leidsters dat ze echt toe was aan school en dat het daar wel snel weer beter zou gaan. We namen afscheid van een fijne vertrouwde periode op het Kinderdagverblijf en samen begonnen we aan een nieuw avontuur. Eindelijk naar de basisschool, eindelijk “leren”.

Ons kind had moeite met de eerste weken op school. Ze huilde wat bij het afscheid en was thuis bewerkelijk. Ze sliep minder goed en vertelde weinig. Ze moet wennen dachten we. Langzaamaan veranderde onze leuke open eigenwijze peuter in een passieve, boze ongelukkige kleuter. Als ze thuiskwam vertelde ze weinig en wist ze niet goed wat ze moest doen. Lekker spelen bleek steeds lastiger. Gelukkig kon ze zich wel goed uiten in allerlei prachtige tekeningen en schilderijen. We hebben samen heel wat uurtjes doorgebracht in mijn eigen schildersatelier.

Een nieuwe periode brak aan. We gingen in gesprek op school en het beeld dat we van thuis schetsten werd niet helemaal herkend. Onze dochter liet niet zo heel veel zien op school. Koos altijd voor de creatieve hoek en de taalhoek en viel verder niet echt op. Gelukkig zag haar juf wel heel goed dat ze niet meer hetzelfde kind was als in het begin. We besloten dat ze wat nader bekeken werd op school. Het vermoeden van hoogbegaafdheid werd daarna voor het eerst uitgesproken. Ze liet dit echter niet zien op school. We besloten na veel overleg, veel twijfels en uiteindelijk met het steunpunt hoogbegaafdheid erbij, om haar te laten versnellen naar groep 3.

Zes fantastische weken volgden daarna. We hadden weer een vrolijk kind thuis. Ze lachte weer en genoot van alles in de nieuwe klas. Ze leek zich goed staande te houden. Ik durfde bijna te hopen op makkelijkere en betere tijden. Helaas kwamen alle problemen na zes weken weer terug. Veel conflicten met vriendinnen en andere kinderen, heel passief gedrag, woedeaanvallen thuis. Daarnaast ging ze ook veel vaker wiebelen en wiegen op haar stoel. Ze leek dan totaal afwezig te zijn. De nieuwe juf maakte zich zorgen en wij ook.

Inmiddels zijn we weer een klein jaar verder en hebben we samen met de school hulp gezocht via het Onderwijszorgteam. Daar hebben ze het groots aangepakt. Vragenlijsten zijn ingevuld door de school en door ons. Onze dochter heeft last van overmatige prikkelgevoeligheid. Hiervoor heeft ze nu ergotherapie en dat lijkt haar te helpen. Naast het opstarten van de ergotherapie is er verder onderzoek gedaan. Dat hebben we altijd een moeilijke keuze gevonden. Is dat cijfer mbt IQ nu zo belangrijk? Willen we dat etiket en die stempel? Toch wilden we nu echt weten hoe het zit. Een vermoeden is iets anders dan een feit. Een feit voelt anders, maakt je minder onzeker, zorgt ervoor dat je stevig staat. Dat je makkelijker het goede doet.

Onmiddellijk is na het onderzoek vanuit het Onderwijszorgteam de begeleiding opgestart voor ons kind, voor ons en voor de school. Onze dochter hoort bij de 1% van alle leerlingen met een zeer hoog, niet meetbaar IQ. Dat maakt dat ze zich vaak eenzaam, onbegrepen en ongelukkig voelt. Dat maakt dat het soms lastig is met vriendinnetjes, dat maakt dat we vaak conflicten hebben thuis, dat maakt dat het niet vanzelf gaat bij de zwemles, dat maakt dat het lang duurde voordat ze fietste en dat maakt dat ze soms gewoon super moe en leeg is.

We weten nu dat haar weg geen eenvoudige weg zal zijn, maar we weten nu wel waarom dat zo is. Er is de laatste jaren veel meer kennis beschikbaar over hoogbegaafde en begaafde kinderen. Daarnaast geloof ik in passend onderwijs. Ik geloof dat er steeds meer mogelijkheden zullen komen in het reguliere onderwijs om aan te sluiten bij de onderwijsbehoefte van onze kinderen. Indien nodig draag ik zelf mijn steentje bij.

Het is niet het meest makkelijk om het volgende eerlijk te zeggen. Liever ben ik sterk en schrijf ik dat op, maar ik ben moe, moe van alle gebroken nachten met een slecht slapend kind, moe van het me zorgen maken, moe van de gesprekken die we steeds maar weer voeren, moe van de conflicten, moe van de discussies. Gelukkig ben ik ook blij, blij met de hulp die er nu is, blij met de mogelijkheden die er zijn, blij met lieve vrienden en familie die het proberen te begrijpen en bovenal blij met ons kind…onze eigenwijze dappere slimme en vooral hele lieve dochter…

Lizette Knuvers Mijland 18 januari 2017