Waarom loslaten niet lukt

In de afgelopen jaren heb ik geschreven. Over hoe het is om ouder te zijn van een uitzonderlijk begaafd kind. Over hoe het is om ouder te zijn in situaties die je zorgen geven. Zorgen, oneindig veel zorgen. 

Dat ik me zorgen maak zegt iets over mij. Hoewel ik graag wil dat het glas half vol is, is het soms half leeg. Als mijn wereld complexer wordt zijn mijn glazen vaker leeg dan vol. Een les die ik geleerd heb door de jaren heen. Je kunt hier allerlei stempels voor verzinnen, maar dat doe ik liever niet. Toen ik moeder werd, kwam er een spiegel mee…een hele grote. Dat is een ding wat zeker is. 

De afgelopen weken bleven we thuis. Onze complexe wereld werd ogenschijnlijk heel klein. Weken waren we op elkaar aangewezen. Mijn gezin, samen met zijn drietjes. De eerste weken waren een ramp. Mijn kind weigerde iets te doen aan het schoolwerk en verzon vanalles om eronderuit te komen. Ze gooide zichzelf uit online meetings en sloot zich op in haar kamer. Daarnaast stelde ze honderden vragen over het virus en alles wat er in de wereld gebeurde. Vooral aan mijn man. De vragen gingen over feitelijkheden en de wetenschap erachter. Niet over de vervelende gevolgen en de teleurstellingen die er waren. 

De controle die ik heb in de normale complexe wereld kreeg ik niet meer voor elkaar in deze nieuwe kleine wereld. Man en vooral kind lieten zich niet leiden door al mijn structuren en behoeftes aan vastigheid. Er moest iets gebeuren met mij. Terwijl mijn wereld minder complex leek, was mijn glas echt half leeg. Voelde me ontredderd, alleen met mijn zorgen ook. Ik moest loslaten. Hoorde het overal om mij heen, maar hoe dan? Zag mijn partner dat veel beter doen. We hadden het er veel over. Samen. 

De meivakantie die dit jaar vooral in april viel zorgde ervoor dat ik het iets beter kon. Autonomie geven en vooral het mijne zelf pakken hielp. Toch blijft het loslaten van mijn kwetsbare kind moeilijk omdat ze zelf eigenlijk nog te jong is om haar eigen keuzes te maken. Ze wil dat wel, maar maakt nog lang niet altijd de juiste afweging en ik ben daar verantwoordelijk voor. Eigen verantwoordelijk is prima, maar niet voor alles als je negen bent. 

Loslaten lukte ook niet omdat ik zag dat mijn kind in isolement raakte. De keuze om haar elders onderwijs te laten volgen zorgde ervoor dat het spelen met leeftijdsgenoten in de Coronatijd ingewikkeld was. Haar vriendjes en vriendinnetjes wonen verspreid door deze regio. Iets afspreken vond ik moeilijk en vroeg ook nog eens om planning. Tussen thuiswerken, thuisonderwijs en mantelzorg in had ik er ook geen ruimte voor. Mijn kind eigenlijk ook niet. 

Loslaten kon ik het niet, sluimeren deed het. Het gevoel dat je faalt, dat jij je kind niet de jeugd geeft die jezelf hebt gehad. 

Deze periode heeft enorm aangezet tot reflectie. Gezinnen werden keihard teruggeworpen op hun eigen systeem. Dus wij ook. Wat heel overzichtelijk leek, thuisblijven, bleek complexer dan gedacht. Werelden gingen door elkaar lopen. Thuis was niet meer alleen maar thuis, maar ook school en werk. Daarnaast volgden ook wij het nieuws, de cijfers, de berichtgevingen op de voet. Het was veel, veel voor iedereen. 

Ik heb in deze periode veel nagedacht over onderwijs, passend onderwijs met name. Over zorgkinderen over kwetsbare kinderen. It takes a village to raise a child. Ik geloof daarin, maar dan wel graag nabij het gezin. Heel nabij. 

Als ik het allemaal over kon doen zou ik het anders doen. Dat denk ik vaak, maar ik zou niet weten hoe. 

Het onderwijs aan begaafde kinderen laat nog te wensen over als het gaat om nabijheid. En ja er gebeuren ook heel veel mooie dingen, maar op orde is het niet. Ik wil graag bijdragen aan verbetering, maar vind dat ook lastig omdat het me raakt. Ik ben er te persoonlijk bij betrokken en zie dagelijks de gevolgen ervan. Ik merk dat onderwijspartners die ik vaak tref dat lastig vinden. Soms denk ik dat ze daardoor juist iets laten liggen. Educatief partnerschap is zo nodig. 

Gelukkig zijn er ook lichtpuntjes, maar het vrolijke kind wat we hadden heeft door de jaren heen beschadigingen opgelopen. Er zijn teveel wisselingen geweest en we hebben haar teveel gevraagd. De afgelopen periode heeft daarbij natuurlijk niet echt geholpen. Ik mis het gesprek. Het gesprek over het welzijn en welbevinden van onze kinderen. Is een onderwijssysteem van 5 volle dagen onderwijs op school wel de oplossing? Is het elke dag met de auto rijden naar dé passende plek wel een goed idee? 

Uren heeft mijn kind de afgelopen weken alleen doorgebracht. Mijn kleine creatieve, expressieve, grappige kind. We zien haar af en toe terug omdat ze ouder wordt en zichzelf beter leert kennen, omdat de leerkrachten haar bereiken, omdat ze beter kan vertellen wat er in haar omgaat. Omdat ze een vriendinnetje heeft met wie ze uren kan videobellen en plezier maken. 

Er gebeurt veel in dat koppie, veel wat ik herken, maar ook veel waar ik totaal geen grip op heb of zal krijgen. Daarin kan ik niet loslaten… nog niet…

Lizette Knuvers Mijland


Een presentatie over COVID-19

De afgelopen dagen merkte ik dat er heel veel misinformatie over COVID-19 voorbijkomt op social media. Ook bij mijn zoon van 12 jaar, die in de brugklas zit, komt er veel onzin voorbij in de klassenapp. Al die onduidelijke en tegenstrijdige berichten leveren veel onzekerheid en vragen op bij hem.

Ook onze leerlingen (en ouders) worden dagelijks veelvuldig met veel onzin over COVID-19 geconfronteerd. Daarom leek het me zinvol om een PowerPoint te maken over het virus, om in de klas het onderwerp bespreekbaar te maken. De presentatie bevat beknopte vertalingen van de informatie van de websites van het RIVM en WHO (omdat die wel duidelijk, maar niet kort en ook niet in voor iedereen begrijpelijke taal geschreven zijn).

In de klassen wil ik eerst peilen hoe en wat er leeft, en dan met behulp van de presentatie vragen te beantwoorden en leerlingen de weg te wijzen naar betrouwbare, wetenschappelijke bronnen.

De presentatie wil ik graag ook voor anderen beschikbaar maken, om het gesprek in de klas erover te vergemakkelijken.

Disclaimer: op 1 maart was deze presentatie actueel. Hoe lang dat blijft???

Biologiedocent Mireille Broeders, werkzaam op het Odulphuslyceum te Tilburg

Er is geen goed of fout

Op 14 november organiseerden we een studiemoment voor interne cultuurcoördinatoren en vakdocenten in ons bijzondere museum De Pont. Dergelijke momenten organiseren we bij CiST (Cultuur in School Tilburg) vaker en dat is best een uitdaging.

Wij vinden het onze verantwoordelijkheid om onze mensen uit de kunstwereld en het onderwijsveld echt iets te bieden. Tijd is kostbaar en in het onderwijs bevinden we ons in roerige tijden. Aanspraak maken op de tijd van mensen kan dus alleen als er noodzaak is om het te doen.

Lees verder

Onderwijsmoment

De Afgelopen drie jaar heb ik via Onderwijskoppen #onderwijsmoment gedeeld. Ook dit jaar ga ik dat weer doen via #onderwijsmoment2019. In de eerste week van januari zal ik de blogs plaatsen. De eerste blog is al binnen en dat vind ik een hele eer. Graag nodig ik ook mijn onderwijsrelaties uit om een blog te schrijven over een mooi, bijzonder of gewoon moment uit de onderwijspraktijk van 2019 dat je is bijgebleven. Klim jij in de pen? De blogs die ik deel worden veel gelezen door een mooi breed onderwijsnetwerk. Graag nodig ik ook ouders en leerlingen uit om te schrijven. Juist in dit enerverende onderwijsjaar verdienen de positieve verhalen uit de praktijk een platform.

Stuur een mail met tekst zonder opmaak in een Wordbestand naar Lmijland@gmail.com. Afbeeldingen mogen apart toegevoegd worden met een maximale grootte van 2MB.

Ik wens je veel schrijfinspiratie toe!

Ik moest er erg naar zoeken

Ergens halverwege de jaren negentig gebeurde het. Er ging bij mij voorzichtig een vuurtje aan. Een nieuw vuurtje. Mijn passie voor onderwijs begon naast mijn passie voor de kunsten te groeien, daar op dat moment in de collegezaal van de Academie voor Beeldende Vorming. 

Onderwijskunde heette het vak dat ik daar volgde. Mijn docent was Edith van Montfort. We moesten een presentatie houden. Geen idee meer waarover, maar ik herinner me het gevoel dat ik kreeg tijdens die presentatie nog goed. Ik werd er blij van. Het was spannend om voor de groep te staan, maar ook gaaf. Ik kreeg er een kick van om het verhaal goed te vertellen. 

Lees verder

Echter, dit examen. Dit brengt ons van slag.

Vol vertrouwen in mijn vak en mijn examenkandidaten Frans. Dat was ik voor aanvang van het examen Frans VMBO-TL van afgelopen woensdag 15 mei (aanvang: 13.30 uur). 

De teleurstelling in het examen was groot en inmiddels ken ik mezelf goed genoeg om te weten dat ik behoorlijk strijdvaardig én pisnijdig kan worden van teleurstelling en gevoelens van onrecht. 

In plaats van dit voor me te houden heb ik besloten om mijn ongenoegen kenbaar te maken bij het College voor Toetsen en Examens in de hoop dat er nog ingegrepen kan worden met errata, een soepele N-norm en goede voornemens voor volgend jaar. 

Hieronder publiceer ik mijn bericht aan het CVTE met daarin de belangrijkste bezwaren tegen het examen en omschrijf ik wat het met een hardwerkende, gepassioneerde vakdocent Frans doet om zo’n examen op je pad te krijgen.

In deze email / blog refereer ik  aan het examen Duits VMBO-TL waarmee ik geenszins impliceer dat dit een prima voorbeeld van een examen leesvaardigheid is. Dat maakt mijn collega talendocent Martin Ringenaldus immers als geen ander duidelijk met zijn open brief aan Arie Slob: https://diesdiemdocet423493267.wordpress.com/2019/05/16/machs-gut-arie/  

Mijn email aan het CVTE:

Geachte heer / mevrouw,

Met deze mail wil ik kenbaar maken dat ik als docent Frans niet te spreken ben over het examen van dit jaar. Ik ben ervan geschrokken en had er buikpijn van toen ik na moest (gaan) kijken.

Op mijn school met ruim 750 leerlingen in totaal zijn we blij dat 22 leerlingen Frans in hun vakkenpakket hebben gekozen. Blij, maar eigenlijk is het om te huilen natuurlijk. We moeten het opnemen tegen Duits en dat wordt als gemakkelijker ervaren: het lijkt immers meer op het Nederlands dan Frans. Dat is wat ik vaak van leerlingen te horen krijg. Mijn collega’s Frans en ik doen ons uiterste best voor meer kandidaten en zijn blij dat er op onze school (nog?) niet gesproken wordt over het schrappen van het vak Frans uit de lessentabel. We hebben zelfs genoeg kandidaten volgend jaar, vooralsnog, om twee clusters Frans te mogen draaien! 

Echter, dit examen. Dit brengt ons van slag. Mijn leerlingen zijn ontdaan. ‘Het was zo moeilijk, mevrouw. Veel moeilijker dan de examens die we geoefend hebben!’. En: ‘Ik was om half drie nog maar bij vraag 11 en toen was ik zooooo gestresst door de tijd!’ Of: ‘Er zaten raadsels in! Die weet ik in het Nederlands niet eens altijd!’ En ik doe mijn best om mijn leerlingen op te peppen en gerust te stellen. Ze moeten immers weer door met hun volgende examens.

Op een rij mijn bezwaren tegen dit examen:

– Ik vind het onvoorstelbaar dat het een goed idee leek om raadsels in een examen Frans voor VMBO te zetten. Raadsels! Per definitie zorgen raadsels voor verwarring, voor onduidelijkheid. En dat dan ook nog achteraan in een examen voor leerlingen die toch al onder tijdsdruk werken. Werkelijk waar onvoorstelbaar.

– Vraag 9: onduidelijk. In de vraagstelling had meer nadruk gelegd moeten worden op het woord ‘enorm’. Nu is de vraagstelling misleidend geweest en kan ook het antwoord aan het begin van de alinea ‘de YouTube berichten op openbaar zetten’ als antwoord geïnterpreteerd worden. Aangezien in de vraagstelling niet duidelijk genoeg is gehamerd op het woord ‘enorm’, vind ik het begrijpelijk dat leerlingen als antwoord zouden kunnen geven ‘het YouTube kanaal op openbaar zetten’. 

Echter, degenen die daar niet ingetrapt zijn en begrepen hebben dat ze verder moesten lezen dan dit (knap!) hebben veelal een antwoord met de strekking ‘meegedaan aan een wedstrijd’. Het element ‘winnen’ ontbreekt. Dat element ‘winnen’ / ‘een prijs krijgen’ wordt wel vereist door het correctiemodel. Ik vind dat een brug te ver. Ik vind dat als een leerling begrepen heeft dat het om de deelname aan een wedstrijd ging, hij / zij de tekst begrepen heeft. Fout rekenen voelt zo onrechtvaardig in het kader van het toetsen van leesvaardigheid op het VMBO!

– Waarom moest dit examen bestaan uit 16 teksten? ZESTIEN? Voor een examen van 2 klokuren? Een examen van 22 pagina’s en 45 te beantwoorden vragen. Is het echt noodzakelijk dat wij dit onze leerlingen aandoen? Kunnen we met een paar teksten minder niet net zo goed prima het niveau van leesvaardigheid toetsen? Mijn inziens komt kwantiteit in dit geval de kwaliteit niet ten goede. En om dan maar weer de vergelijking te maken met Duits, waar wij toch door onze leerlingen immers altijd al mee vergeleken worden: 12 teksten, 15 pagina’s, 39 vragen en ook twee klokuren. En dan heb ik nog niet eens benoemd dat ik duidelijk kan zien dat kandidaten goed van start gingen en het aantal fouten toenam richting het eind van de toets. 

Van mijn 22 examenkandidaten voor ons mooie vak Frans zijn er dit jaar 21 op examen gegaan. Van die 21 zijn er 20 leerlingen precies de maximale tijd bezig geweest. Één leerling was iets eerder klaar dan de toegestane tijd: maar liefst vijf minuten.

In deze spannende tijden van examens is de druk voor onze examenleerlingen al hoog genoeg. De tijdsdruk bij zo’n examen Frans VMBO als dit jaar kunnen zij daarbij missen als kiespijn! 

In deze tijd zijn onze 3e jaars leerlingen druk met het kiezen van hun vakkenpakket. Wat denkt u dat het met hen doet als zij horen dat het examen dit jaar als zo dramatisch is ervaren door hun medeleerlingen? Ik vrees met grote vrezen dat wij volgend jaar dan toch maar weer 1 cluster Frans gaan hebben op onze school. Want waarom zou je als leerling nog Frans kiezen? Voor een vervolgopleiding heb je het immers bijna nergens meer nodig en ach, waarom voor de moeilijkere weg gaan als er ook een makkelijkere optie is? Een zekerdere route tot aan een diploma? 

Ik ben teleurgesteld in dit examen en ik ben zeker niet de enige. Ik hoop ten zeerste dat u de signalen op de examenfora van Franszelfsprekend zeer serieus neemt en wellicht zelfs meeleest in de Facebookgroep ‘Docenten Frans’. Ook Twitter kan ik u aanbevelen.

Met vriendelijke groet, Judith van Sprundel

Ondersteuningscoördinator Onderbouw Effent & Trotse docent Frans van een examenklas VMBO-TL

Die reis heeft me goed gedaan

In de herfstvakantie ben ik naar Amerika gegaan. Niet zomaar. Voor essentieel leren. En niet makkelijk. Ik heb er eerst een half jaar tegenaan gehikt. Nog nooit eerder was ik zo lang en zo ver bij mijn gezin vandaan geweest. Maar ik moest het gewoon doen.

We hebben scholen bezocht. De een nog waardevoller dan de ander. De een nog inspirerender dan de ander. Ik heb dingen gezien die ik anders nooit had gezien. Niet alleen op de scholen. Ook in Boston en in New York. 

Lees verder

De angst houdt mij tegen om te groeien

Een mailtje: he A, ik ga mijn onderwijsmoment schrijven over 2018, misschien wil jij er ook wel eentje schrijven. Mijn lieve vriendin Emilie stuurt me deze uitdaging.

Poeh, wil ik dat? Kan ik dat? Wie zit er te wachten op mijn onderwijs moment?

Allemaal tegenwerping vanuit mijn angst. En de angst houdt mij tegen om te groeien, om uit m’n comfortzone te komen en om te ontwikkelen en stretchen.

Lees verder

In verbinding bij Ontwikkelkracht

In 2018 heb ik vaak nagedacht over mijn rol in het onderwijs. Als schoolleider was ik teleurgesteld in de maakbaarheid van het onderwijs. Het lukte mij toen niet om de echte verandering te maken. Ondanks de vele legitieme redenen die te noemen zijn over het waarom daarvan, voel ik me daar nog altijd niet helemaal blij over. Ergens in mij zit een enorme drive om die klus aan te pakken en te verwezenlijken. Waarom veranderen? Dat antwoord heb ik vrij snel. Omdat ik in mijn onderwijs carrière én als moeder veel kinderen uit ons huidige systeem zie knallen en ik zie dat dàt ongelooflijk veel schade brengt in het jonge leven van kinderen.

Lees verder