Ik blijf me professionaliseren, maar zal niets registreren

Vanaf 2018 gaat het wettelijk verplichte lerarenregister van start waarin elke leraar het onderhouden van zijn bekwaamheid moet aantonen in punten. Mijn grootste bezwaar tegen DIT lerarenregister is dat het onvoldoende recht doet aan mijn bekwaamheid als leraar. Elke goede leraar die ik ken houdt zijn onderwijspraktijk regelmatig tegen het licht. De ene keer is dit sparren met een collega of als onderdeel van het team een visie vormen, de andere keer is het een artikel of lezing bijwonen die je visie op goed onderwijs verandert. Soms is het een Tweet die je doet nadenken.

Elke dag word je geconfronteerd met de vraag en uitdaging wat goed onderwijs is. Het zijn ouders en leerlingen, de ervaringen van de dag en het effect van het gegeven onderwijs waar je op reflecteert en die je uitdagen om jezelf te verbeteren. Dat moet ook, het onderwijs heeft de complexe opdracht om kinderen klaar te stomen voor de maatschappij van morgen. De kern van de wet beroep leraar is dat ik verantwoordelijkheid draag voor het vakinhoudelijke, vakdidactische en pedagogische proces en hier ‘zeggenschap’ over krijg binnen de kaders van het onderwijskundig beleid van de school. De vervolgens eraan gekoppelde bekwaamheidseisen moet je volgens het lerarenregister onderhouden door je professionaliseringsactiviteiten aan te tonen. Deze activiteiten worden geregistreerd in codes en zo omgezet in punten.

In mijn visie is de bekwaamheid van een leraar door meer dan alleen professionaliseringsactiviteiten bepaald en is deze zodoende niet te vatten in cursussen, punten en codes. “Passie voor het vak kun je niet leren, de rest wel. De dag dat je vindt dat je bent uitgeleerd, is de dag dat je met pensioen moet gaan.” Woorden van de man die mij hiermee inspireerde en mij de drempel over hielp het onderwijs in. Ik was geen natuurtalent voor de klas, maar had een sterke drive. Juist het kunnen uitdenken van onderwijs, het goed onderbouwen van mijn lessen, is essentieel voor het goed verlopen van mijn onderwijspraktijk.

In mij schuilt een grote idealist getemperd door de realiteit van de dag. Gedurende de vijftien jaar dat ik in het onderwijs zit stel ik de kwaliteit van mijn onderwijs centraal. De laatste jaren is de realiteit dat ik steeds minder betrokken wordt bij de vraag wat goed onderwijs is. Volgens de wet heb ik zeggenschap over mijn onderwijs, echter in samenspraak met mijn werkgever. Ik moet mij professionaliseren, maar nergens staat beschreven hoe mijn werkgever mij moet faciliteren. Er staat wel beschreven dat men anders besluit om mij ‘onbevoegd en onbekwaam’ te verklaren.

Ik ben tegen DIT register, ik ervaar het als een nietszeggend hol keurslijf wat geen recht doet aan het erkennen van mijn bekwaamheid.
Ik zal me daarom blijven professionaliseren, maar niets registreren.
Ik wil dat het mandaat weer terugkomt bij de beroepsgroep en dat er begonnen wordt met een raadpleging van ALLE leraren. Daarop zou dan verder gebouwd kunnen worden zodat hetgeen wat ontstaat werkelijk ‘van, voor en door’ de leraar is.

http://www.nietmijnregister.nl
Ik blijf me professionaliseren, maar zal niets registreren.

Debbie Dussel oktober 2017

Die opmerking tijdens de Meetup013 raakte me

Tijdens de meetup013 over maakonderwijs van 11 oktober raakte ik in gesprek met de eigenaar van het Walhallab in Zutphen. Via Twitter hadden we al wel eens wat contact, maar een reallife ontmoeting is toch altijd weer wat anders.

We hadden zojuist samen geluisterd naar een enthousiast verhaal over design thinking. Een opmerking die ik daar hoorde raakte me. “Je moet wel een doel hebben” hoorde ik. “Als je geen doel hebt ben je bezig met niks.” Deze zin zette me aan het denken. Hoezo dan? Waarom niet? Is bezig zijn met niks niet juist alles?

Ik denk dat deze zin mijn drijfveer om te werken voor het onderwijs raakt. Wat mij betreft moeten we juist veel meer doelloze dingen in het onderwijs doen. Experimenteren, aanklooien, rommelen. Geraakt raken, enthousiast worden…De afgelopen jaren is men doorgeschoten. Alles moest een doel hebben. Meetbare resultaten stonden centraal. Ik zag veel leerkrachten worstelen met de hoeveelheid aan einddoelen en resultaatnormen. Vaak zei ik dan dat ze keuzes moesten durven maken. Vooral doen wat je leerlingen nodig hebben en waar jij warm voor loopt.

Maar hoe weet je nu wat je leerlingen nodig hebben? Maar al te vaak denken we dat we het weten door kinderen te testen en te toetsen. Ik denk dat we het juist beter zien en weten door af en toe rust te nemen. Te kijken, maar dan ook echt te kijken. Toen ik kleuterjuf was deed ik dat altijd tijdens het vrij kiezen. Kijken bij welke kinderen dat lukte, wat ze gingen doen. Wie er tot een keuze kwam en wie niet. Heerlijk met je klas aanklooien. Ik zorgde dan wel voor een rijke omgeving met veel knutsel en bouwmateriaal. Meestal maakte ik op dat moment ook zelf iets. Niet al te ingewikkeld zodat ik mijn ogen goed de kost kon geven. De vrije keuze momenten lagen in die tijd onder vuur. De lessen moesten gedegen voorbereid worden met helder omschreven doelen.

Tijdens de meetup ging ik met mijn gedachten terug in die tijd. Ook naar de tijd die ik doorbracht aan de academie voor beeldende vorming in Tilburg. Ik heb daar geleerd het experiment aan te gaan. Eerst te doen en dan te denken. Denken kan en kon ik namelijk als de beste. Nieuwe dingen aangaan en gewoon eerst lekker doen iets minder. Het doelmatig en procesmatig werken kwam na dat experiment vaak vanzelf op gang.

Marco Mout van Walhallab nodigde mij in ons gesprek tijdens de Meetup013 uit om in de herfstvakantie eens langs te komen met mijn dochter. Afgelopen donderdag deden we dat. Een warm ontvangst kregen we terwijl we toch op een onaangekondigd moment binnen stapten. De medewerker die ons rondleidde vertelde “Wij gaan om met onze jongeren op een manier zoals we zelf ook behandeld willen worden.” Ik voelde dat dat ook echt gebeurde op die plek. De jongeren die ik gesproken heb vertelden met plezier hun verhaal, keken me open aan en waren ondertussen heerlijk aan het experimenteren. Geen uitgetekende plannen, maar gewoon lekker aan het doen.

Volgens mij is ook dát onderwijs. Misschien wel juist onderwijs omdat de veilige plek die nodig is om te leren juist hier geboden wordt met alle facetten in zich. Samen met mijn dochter ging ik na ons bezoek de stad in om te lunchen en Zutphen verder te bekijken. Aan het einde van de middag trok ze me aan mijn mouw en vroeg ze me om nog even terug te gaan naar die leuke plek. Ook mijn dochter voelde de sfeer daar en voelde dat ze er welkom was. De dagen daarna hebben we samen veel gemaakt en aangemodderd. Gewoon zonder plan zonder doel en bovenal zonder pretentie.

Ik wens de mensen van Walhallab een hele mooie toekomst toe. Het zou zo maar kunnen zijn dat dit ogenschijnlijk eenvoudige concept dé oplossing is voor heel veel kinderen die vastlopen in ons huidige onderwijs.

Lizette Knuvers Mijland
Oktober 2017

Eliteschool of toch niet?

Sinds de start van het nieuwe schooljaar bezoekt onze dochter een speciale fulltime voorziening voor hoogbegaafde leerlingen. De weg hier naar toe was geen gemakkelijke. Vanaf dit huidige schooljaar is in onze omgeving deze voorziening gestart. Het is nodig om duidelijk te maken hoe noodzakelijk het is dat we in Nederland onze expertise in het onderwijs op dit gebied vergroten. Graag draag ik daar aan bij. Als ouder maar ook zeker als professional.

Vanaf het jaar 2000 ben ik werkzaam in het onderwijs. Voornamelijk in wijken waar veel onderwijsachterstand is. Het onderwijs wat ik in die tijd zelf verzorgde was vooral gericht op het inhalen van onderwijs en ontwikkelingsachterstanden. De leerlingen die lekker meekonden of zelfs vooruit liepen waren af en toe een ware verademing gedurende een schoolweek. Ze waren ook op een handje te tellen. Ik verzon leuke dingen voor hen, maar was met hen veel minder bewust bezig met het halen van onderwijsdoelen. We richtten op die scholen daarom wel een plusklas in en daarmee was mijn bemoeienis wel ten einde. Het onderwerp had voor mij geen prioriteit.

De scholen die te maken hebben met flinke onderwijsachterstanden zijn gewend individueel naar de leerlingen te kijken. Vooral daar waar het vaak om tweede taal verwerving gaat leren de leraren al vroeg te zoeken naar de onderwijsbehoeften. Ik ben wat betreft het begeleiden van leerlingen op veel scholen eigenlijk helemaal niet zo heel bezorgd. Daar waar leerkrachten kinderen zien kan gewerkt worden aan passend onderwijs.

Toch ligt het allemaal niet zo simpel. Daar kwam ik als moeder al heel snel achter. Ik had totaal geen kaas gegeten van de problematiek van mijn eigen kind. Ik zag haar wel, maar had geen idee wat ik in lastige situaties moest doen. Ik heb alles wat los en vast zit over dit onderwerp gelezen en ik begin zo langzamerhand een expert te worden op dit gebied. Door intensieve begeleiding en veel gesprekken op maat heb ik wat meer grip op de situatie gekregen en kan ik beter reageren op mijn kind in de dagelijkse omgang. Een belangrijke constatering is echter dat de situatie steeds verandert en dat ik moet leren om steeds opnieuw bij te stellen. Was me totaal niet bewust van de complexiteit van hoogbegaafde kinderen.

Ik ben er altijd heilig van overtuigd dat je leerlingen in de eigen school moet kunnen bedienen. Verwijzingen naar het speciaal onderwijs vond ik altijd moeilijk. Het voelde voor mij als leraar/ directeur als falen. Dat je eigenlijk zelf moet leren om te veranderen, maar dat je vast zit in een systeem. Heel af en toe had ik dat gevoel minder, dan was het voor het kind de allerbeste optie. Dan was er echt iets anders nodig dan dat ik kon bieden met welke hulp dan ook.

Onze dochter hoort bij een heel klein groepje leerlingen met een hoog IQ. Ik merk dagelijks dat er ook voor haar iets anders nodig is. Ze past niet binnen ons huidige onderwijssysteem. Haar denkwijze en zijn wijken teveel af van het gemiddelde. De schoolse omgeving is niet veilig voor haar en het contact met andere leerlingen is vaak te complex.

Het passend aanbod wat ze nu ontvangt in de Talentklas is absoluut nodig en zorgt er ieder ieder geval voor dat ze omringd wordt door mensen die net iets meer van haar begrijpen en net wat meer tijd hebben om de juiste begeleiding te verzorgen. Het ontmoeten van peers is daarbij erg belangrijk. De problemen van onze kinderen zullen niet zomaar opgelost worden, maar zijn hopelijk in de toekomst meer hanteerbaar.  Laten we daar alsjeblieft samen voor gaan.

 

 

 

 

 

Lizette Knuvers Mijland september 2017

“Goedemorgen meneer Dekker, slaapt u nog lekker?”

Dat vraag ik me serieus af. U zult zich toch ongetwijfeld een beetje ongemakkelijk voelen de laatste tijd en de slaap niet altijd kunnen vatten. Of legt u al die kritische kanttekeningen naar aanleiding van uw beleid zo naast u neer. Daar lijkt het vaak wel op.

Toch zou ik u willen vragen om deze brief eens aandachtig te lezen. Ik weet zeker dat u dat kunt, dat heeft u namelijk al enige tijd geleden geleerd van één van mijn collega’s. Die heeft zijn/haar uiterste best gedaan om u te leren lezen namelijk, maar ook te rekenen. Dat is ook heel fijn, want wij rekenen namelijk op u. Mocht dat niet goed uitvallen houdt u er dan rekening mee dat wij daar niet langer mee akkoord gaan, reken daar maar op!

Schrijven, dat doet u toch ook. Ook dat heeft u namelijk op school geleerd. Mooie stukken kunt u maken hoor. Wat betreft vorm dan in ieder geval. Prima opbouw, mooie volzinnen en ook de interpunctie is in orde. Daar kunnen wij nog wat van leren.
Inhoudelijk mankeert er wel het e.e.a. aan en dat is wel jammer, maar ja als het om de inhoud gaat dan wordt het natuurlijk wel een stuk lastiger. Daar komt ook een stuk gevoel bij kijken, dat je nadenkt over wat je schrijft.
Daar gaat het lastig worden, want bij het spreken heeft u ons al laten zien dat dit niet uw sterkste kant is. Daar heeft de juf/meester niet helemaal bereikt wat hij/zij zou willen. Want dat doen wij namelijk ook nog. We zorgen er ook nog voor dat “onze kinderen” goed in hun vel zitten, zich veilig voelen, niet pesten en besef hebben van normen en waarden. Daar is het dus bij u helaas niet helemaal goed gegaan, maar het valt ook echt niet mee om al die kinderen, die allemaal hun eigen behoeftes hebben precies te geven wat ze nodig hebben, dat begrijpen wij heus wel, maar toch …..

“Goedemorgen meneer Dekker, slaapt u nog lekker?”

Bent u er nog bij? Begrijpt u wat ik probeer aan te geven. Wij doen er echt toe, wij zijn belangrijk voor dit land, voor de economie en voor onze toekomst. Dat doen wij echt niet alleen, want samen met de ouders van al deze prachtige kinderen en onze collega’s uit het VO (Ja, die met die lastige pubers werken, u kent ze wel) maken wij van ieder kind een volwaardige deelnemer aan de maatschappij. Dat ons dit niet altijd lukt zoals we dat het liefst zouden hebben dat vinden wij zelf vooral heel erg vervelend, omdat we namelijk het beste uit ieder kind willen halen.
Zoals mijn collega’s van PO in actie al aangaven is het “vijf voor twaalf”.
Kloklezen kunt u ongetwijfeld ook, want ook dat hebben we u geleerd op school. Wat we eigenlijk bedoelen is dat het bijna te laat is. Te laat om tot actie over te gaan en ons echt serieus te nemen.
U bent nu echt aan zet!

En kom nu niet met oplossingen, die het probleem niet oplossen. Natuurlijk zijn er mensen met een onderwijsbevoegdheid die nu niet werken, maar heeft u zich ook afgevraagd waarom dat zo is?
En natuurlijk zijn er collega’s uit andere sectoren die wel over willen stappen. Daar zitten ongetwijfeld hardwerkende en capabele mensen bij, maar ik vind dat u ons en de kinderen wel tekort doet door hen met een omscholing voor de klas te zetten.
U moet vooral zuinig zijn op de mensen die er nu zitten en ons mooie beroep voor jonge mensen weer aantrekkelijk maken. Dat kan door ons serieus te nemen, de werkdruk te verlagen door extra handen in de klas en een passende beloning te geven voor het werk wat wij doen. Neem een keer een kijkje in Finland dan kunt u zelf zien wat de effecten hiervan zijn.

Vandaag hebben wij de scholen één uur gesloten. Dat doen wij niet, omdat we dat graag willen, want we willen niets liever dan werken met “onze kinderen”. We doen dat, omdat u ons geen andere keus laat!

In deze brief wil ik u alleen maar aangeven hoe belangrijk wij zijn. Wij mogen trots zijn op wat wij in samenwerking met ouders met onze leerlingen bereiken. We mogen onszelf op de borst kloppen, elkaar een schouderklopje geven en hier en daar een veer stoppen, maar daar zijn we niet zo goed in. Wij vinden het namelijk gewoon ons werk. Het is gewoon ons werk om ervoor te zorgen dat kinderen zichzelf later een plaats weten te verwerven in onze maatschappij.
U bent daar in de basis een mooi voorbeeld van. Onze collega’s hebben ervoor gezorgd dat u in ieder geval de tools heeft gekregen om uiteindelijk staatssecretaris te worden. Uiteraard heeft u daar zelf op latere leeftijd ook nog
een groot aandeel in gehad, maar wij hebben gezorgd voor een solide basis. Het blijft jammer dat u dat niet weet te waarderen, maar u heeft nog een paar minuten.

Dat we niet op alle gebieden bereikt hebben wat we wilden bereiken dat is wel duidelijk, maar we hebben er echt alles aan gedaan! Wellicht dat we in een verlengde instructie samen de puntjes nog een keer op de i kunnen zetten, dat zou mooi zijn.

Het wordt tijd voor actie meneer Dekker. Wees verstandig en zorg dat die actie van uw kant komt! Zo niet, dan doen wij dat wel.

Ik vraag het u voor de laatste keer: “Goedemorgen meneer Dekker, slaapt u nog lekker?”

Met vriendelijke groet,
Jurgen Blakenburg

Een Leertuin… wat is dat nou eigenlijk?

Ik had al veel gezien en gelezen over de Leertuin van (collega) Apple Distinguished Educator Rhea Flohr, maar sinds vanmiddag weet ik pas echt wat het inhoudt. Hieronder mijn verslag van de gezellige borrel ter ere van de officiële opening van de Leertuin op het Antoon Schellekens College in Eindhoven.

De Leertuin is het succesvolle gevolg van het Leraren Ontwikkel Fonds- project genaamd ‘Inspirerend multifunctioneel mediawijsheid lokaal’ van Rhea. (Inspirerend multifunctioneel mediawijsheid lokaal – LerarenOntwikkelFonds)

De Leertuin heeft de grootte van een normaal leslokaal maar is totaal anders ingericht. Geen klassieke busopstelling, maar een zitbank en kleurrijke zitzakken. De paar tafels die er staan, staan in kleine groepjes opgesteld. Dit nodigt vanzelfsprekend uit tot andere manieren van lesgeven dan die we vaak gewend zijn. Uiteraard bevat de Leertuin ook een ruime Green Screen corner, waar je leuk kunt experimenteren met foto’s en filmpjes in exotische oorden! Zoals bijvoorbeeld Ingrid vandaag even heerlijk naar de Bahama’s was! Twitter

In de Leertuin wemelde het van de leuke technische snufjes. Leerling Robert gaf mij een uitgebreide uitleg en demonstratie over Dash en Dot (van Wonder Workshop). Dash is een grappig robotje dat je van alles kunt laten doen. Je kunt hem bijvoorbeeld een parcours af laten leggen of zelfs muziek laten maken met een xylofoon. Dot kan niet bewegen, maar heeft een scherp oog wat je volgens Robert in kunt zetten om bijvoorbeeld een spannend spel te spelen waarbij je ongezien door Dot een route moet proberen af te leggen. Op mijn vraag aan hem wat je nou eigenlijk leert van al dit leuke spul, kreeg ik een snel en bondig antwoord: ‘coderen!’. En hij heeft gelijk. Bovendien ontwikkel je spelenderwijs ook nog eens goede computational thinking skills!

Leerling Gijs was erg geconcentreerd bezig met het coderen met Micro:Bit. Ik was erg onder de indruk van zijn nauwkeurige en serieuze manier van werken. Dit is coderen van een hoger level! Ik doe het hem in ieder geval niet na. Ik zag draadjes, wielen, LED-lampjes, een ventilatortje en materiaal waarvan ik de naam (nog) niet eens weet. Indrukwekkend!

Verderop stuitte ik op een 3D Print Pen. Grappig dat je met zo’n pen op een relatief simpele manier bijvoorbeeld een zonnebril kunt maken! En wat dacht je van het materiaal van Osmo om een Tangram puzzel te maken? Benodigdheden zijn een app, een speciaal spiegeltje voor op de iPad en de Tangrampuzzelstukken. Hier zou ik zelf nog wel uren mee verder kunnen! Osmo heeft ook een geinige starterkit ontwikkeld voor kinderen om spelenderwijs te leren programmeren. Een soort blokjes, waarmee je letterlijk de stappen weg kunt leggen. Geniaal bedacht! Volgens de enthousiaste leraar (sorry, naam even vergeten) die me uitleg gaf is dit materiaal populair bij vrijwel alle leerlingen en niet alleen bij de technisch onderlegde leerlingen. Ik zou het bijna aan willen schaffen als educatief speelgoed voor mijn eigen kinderen!

De leerlingen die ik gesproken heb gaven allen aan dat ze ook regelmatig een middag op school blijven om in de Leertuin te gaan werken met al het leuks en leerzaams wat deze Leertuin te bieden heeft. Het was hartverwarmend om het enthousiasme van de leerlingen te ervaren.

Als antwoord op de vraag ‘Een Leertuin… wat is dat nou eigenlijk?’ kan ik nu zeggen dat het een ‘inspirerend multifunctioneel mediawijsheid lokaal’ is. Rhea, jouw LOF-project is zeker geslaagd! Ik reed met een hoofd vol inspiratie en enthousiasme naar huis en zag een regenboog… Magic is happening. Onderwijs is mooi.

Judith van Sprundel
Docent op Effent
Apple Distinguished Educator, Class of 2017

De gebruikershandleiding van een kind

Een kind wordt geboren zonder gebruikershandleiding of methodiek. Gaandeweg leren de ouders, vaak door trial and error, om hun kind te “leren lezen”. Wat werkt, wat gaat goed, wat zijn de talenten, waar heeft het kind moeite mee en wat zit hem/haar in de weg?
Langzaamaan wordt er, als het ware, een individuele gebruikershandleiding geschreven afhankelijk van de persoonlijkheid, ervaringen en ontwikkeling van het kind. Soms is het al vanaf dag één duidelijk dat er bepaalde aspecten aan de ontwikkeling van een kind niet helemaal gaan zoals verwacht. Vaker is het een zoektocht om erachter te komen wat er aan de hand is en wat het kind kan helpen.

Niet alleen door mijn werk, maar ook als moeder, ben ik dagelijks met deze zoektocht bezig. Frustrerend is het feit dat deze zoektocht niet snel verloopt en vaak een kwestie van het elimineren van mogelijkheden is. Maar zeer belangrijk zodat de juiste gegevens in de gebruikershandleiding van het kind komen. Het zou immers jammer zijn als de verkeerde informatie ervoor zorgt dat een kind de verkeerde begeleiding krijgt…

Door de jaren heen wordt de gebruikershandleiding van een kind gevuld en steeds gedetailleerder. In eerste instantie door de informatie van ouders, leerkrachten en bijv. verslagen van onderzoeken maar steeds meer door het kind zelf. Ook jonge kinderen zijn goed in staat om te kunnen uiten wat ze nodig hebben. Als volwassenen zijn wij niet altijd in staat om dit goed te kunnen verstaan. Naarmate kinderen ouder worden, wordt het steeds makkelijker en hebben ze ook het reflectievermogen om ze mede-eigenaar te maken van het schrijven van hun eigen handleiding. Kinderen weten namelijk héél erg goed waar hun goede punten en verbeterpunten zitten en wat ze hierbij nodig hebben. Waarom gebruiken wij de informatie van de belangrijkste informatiebron nog zo weinig bij het schrijven van de gebruikershandleiding?

Als ik een nieuwe tv heb gekocht, twijfel ik geen seconde dat de handleiding klopt. Ik lees hem echter niet. Ik voel mij vol zelfvertrouwen in mijn eigen kennis om de tv te laten werken zonder de handleiding op mijn gemak te gaan lezen. Dus ga ik gelijk aan de slag! Door vallen en opstaan kom ik een eind. Vaak kom ik er na een tijdje achter dat ik toch een aantal waardevolle functies heb gemist. Dit had ik kunnen weten door de handleiding vooraf te lezen…jammer!

Dit geldt nog veel meer bij de handleiding van kinderen. Als wij in het onderwijs, de gebruikershandleiding (lees bijv. groepsoverzicht of verslagen) van een kind vooraf lezen, doen we recht aan het kind. Wij weten de belangrijkste informatie en kunnen hierop inspelen. Een kind hoeft niet te wachten totdat deze leerkracht de gebruikershandleiding van het kind (opnieuw) heeft geschreven maar krijgt gelijk de juiste aandacht en begeleiding.

Mijn pleidooi is dan ook om als leerkracht vooraf aan een schooljaar, de gebruikershandleiding van een kind goed te lezen en te gebruiken. Deze is geschreven met de opgedane kennis van ervaringsdeskundige zoals ouders, voorgaande leerkrachten en het kind zelf. Maak deze handleiding in de loop van het jaar gedetailleerder, actueel en vul het verder aan. Het is een gezamenlijk levenswerk dat start met de ouders van een pasgeboren baby en eindigt met het kind als een reflecterende volwassene.

Hoe mooi is het dat ik als intern begeleider een klein stukje mag bijdragen aan het schrijven van dit levenswerk. Nog mooier is het om als moeder de gebruikershandleiding van mijn kinderen te mogen schrijven en geschreven zien worden. De zoektocht naar de juiste gegevens voor deze handleiding is vaak mooi en positief maar soms ook frustrerend en moeizaam. Ik ben ervan overtuigd dat dit uiteindelijk zal leiden tot twee geweldige individuen!

Geschreven door een intern begeleider en moeder van twee kinderen.

Eerlijk zullen we alles delen

Dit schooljaar zijn wij op Effent (VMBO-TL) een pilot gestart: Één brugklas werkt met iPads. Ik heb het geluk om aan de basis te mogen staan van dit mooie, vernieuwende onderwijs. Op basis van deze pilot nemen wij deel aan het Leerlab Digitale Didactiek van Leerling2020. Één van de ideeën achter deze pilot is dat wij het onderwijs willen vernieuwen. Uitdagender willen maken door middel van o.a. digitale didactiek. Vandaag was het aan het pilotteam om een aantal van onze ervaringen te delen met onze collega’s in de hoop hen ook te kunnen enthousiasmeren. En dat is gelukt. Wat een topdag, wat een topteam. We kozen ervoor om een aantal workshops te organiseren. Niet te lastig, gebruiksvriendelijk en vooral ook met de hands on approach!

In totaal gaf ik vandaag vier workshops:

1) Vakgroepronde: ik deelde met mijn vakgroep Frans mijn ervaringen, successen en ondervindingen met de pilotklas. Tags: iTunesU, Kahoot Jumble, Quizlet (Live), mijn Yurlspagina, Instagram voor leerlingen, Nearpod, Quizizz.
2) Workshop ‘Het zweet op hun rug!’ – Deze workshop ging over Quizlet Live. Eerst speelden we het spel om te ondervinden wat deze tool precies doet. Leuke, activerende didactiek waarmee ook nog eens formatief getoetst wordt. Geweldig! Daarna konden collega’s hands on aan de slag met het maken van hun eigen Quizlet account en study set. De Handleiding Quizlet Live die ik daarvoor maakte voeg ik toe aan deze blog.

3) Idem workshop 2. Nog steeds voldoende animo!
4) Workshop ‘Hebben ze ze op een rijtje?’ – Deze workshop ging over mijn andere favoriet: de nieuwe
feature ‘Jumble’ van Kahoot. Uitermate geschikt voor het formatief toetsen en oefenen van structuren,
zoals bijvoorbeeld zinnen. Sinds ik deze tool gebruik, zie ik aanwijsbaar betere resultaten op toetsen bij
het onderdeel zinnen leren. Bij Jumble verdeel ik de Franse zin in vier stukken en moeten de leerlingen de zinsdelen naar de juiste plaats swipen. Altijd een succes! Ook tijdens deze workshop konden collega’s aan de slag met hun eigen Jumble aan de hand van mijn Handleiding Kahoot Jumble. Ook deze zit als bijlage bij deze blog gevoegd.

Bij de workshops over Quizlet Live en Jumble heb ik Demo’s gebruikt. Omdat ik vermoed dat deze wellicht nog eens handig kunnen zijn voor een ieder die workshops verzorgt over deze tools, hierbij de links:

Quizlet Live: Demo Quizlet Live Werkconferentie Effent Flashcards | Quizlet
Jumble van Kahoot: https://create.kahoot.it/#jumble/88f78a82-64c7-4c81-8bf6-6edbf3526abd

Judith van Sprundel, Leraar Engels en Frans bij Effent, mentor 4TL, Apple teacher, Apple distinguished educator, april 2017

Wij hebben ook een kleine Bram

Vorige week vertelden de ouders van Bram hun verhaal. Bram is vijf jaar en zit inmiddels halve dagen thuis. Hij wil niet naar school. Als Bram op school is merk je niets aan hem. We zagen leuke foto’s voorbij komen van een vrolijke jongen. Vervolgens liet de moeder van Bram een filmpje zien van hem vroeg in de ochtend. Een huilende jongen, volledig overstuur, die weigert om mee te gaan naar school. Mijn man en ik keken elkaar aan. Wij hebben ook een kleine Bram…

In mijn telefoon zit een vergelijkbaar filmpje. Een filmpje dat ik zelf eigenlijk niet wil zien. Een filmpje van een dochter die overstuur is, boos en verdrietig is en zich machteloos voelt. Een dochter die alles van de wereld wil begrijpen en zich vaak heel alleen voelt. Niet veel mensen zien haar zo, want ons kind is ook heel vaak blij en gezellig. Daarnaast laat onze dochter (gelukkig) redelijk gewenst gedrag zien op school. Inmiddels weten we waarom ze zich zo vaak alleen en niet begrepen voelt. De diagnose is gesteld. Zie mijn blog: En dan is daar het etiket en eigenlijk ben ik er best blij mee. Bijzonder begaafd noemen ze het. Één op de duizend kinderen valt onder deze categorie en je moet maar net geluk hebben om in een middelgroot dorp een vergelijkbaar leeftijdsgenootje te vinden. Vooralsnog is dat dan ook nog niet helemaal gelukt.We boffen, want onze dochter heeft een juf die bevlogen is, ook op het gebied van hoogbegaafdheid. Een juf die er alles aan doet om ons kind te helpen. Hierdoor gaat ze elke dag naar school en geniet ze er ook regelmatig van. Ze wordt uitgedaagd om moeilijke opdrachten aan te gaan en ze wordt gezien. Probleem opgelost zou je denken.

We maken ons ondanks de positieve rol van de school toch vaak zorgen. We zien ons kind worstelen. We zien haar eenzaamheid en verdriet. Ze kan haar gevoelens moeilijk delen. Probeert dat met ons wel te doen, maar wil dat niet altijd. Ze reageert vaak prikkelbaar en is heel gevoelig. Via deze link over positieve desintegratie kun je hier meer over lezen. Ze heeft echt wel een paar lieve vriendinnetjes op school, maar ze kan ze niet altijd volgen. Haar vriendinnetjes volgen haar ook niet altijd. Nieuwe vriendschappen vindt ze moeilijk. Ondanks dat haar vriendinnetjes vaak heel lief en betrokken zijn voelt het voor haar niet zo. Én dat is precies datgene wat we heel serieus moeten nemen.

Het samenwerkingsverband in onze regio is aan het nadenken over een voorziening voor jonge hoogbegaafde kinderen die vastlopen op hun school. Voor kinderen onder de 8 jaar. We mochten hier als ouders over meedenken. Op deze plek vertelden ook de ouders van Bram hun verhaal. Het zou zo fijn zijn als onze kinderen elkaar ergens kunnen ontmoeten en samen hun ingewikkelde weg kunnen bewandelen. Ik vind vanuit mijn eigen onderwijsovertuiging eigenlijk dat we moeten proberen elk kind te helpen op de school waar het zit. Ik word als onderwijsmens heel warm van het concept van een inclusieve school, maar ik weet ook dat er soms kinderen zijn met een speciale onderwijsbehoefte. Kinderen die gelijkgestemden nodig hebben om zich goed te kunnen ontwikkelen en zich fijn en gewenst te voelen. Kinderen die een aangepaste onderwijsomgeving met expertise nodig hebben om hun eigen bijzondere pad te mogen bewandelen. Laten we dat alsjeblieft blijven zien in de wereld van passend onderwijs en laten we ervoor zorgen dat we goede kwalitatieve voorzieningen hebben daar waar ze hard nodig zijn. Het is behoorlijk slopend om je kind te zien ploeteren en worstelen op een hele jonge leeftijd…

Wij wachten de nieuwe ontwikkelingen van het samenwerkingsverband samen met andere ouders uit de regio met heel veel belangstelling af.

Lizette Knuvers Mijland april 2017

 

Het indruppelingseffect bij ouders

Regelmatig gebeurt het dat ik op school, in gedachten, vraagtekens plaats bij de opvoedingsstijl van ouders en de keuzes die ze voor hun kinderen maken. Begrijpelijk aangezien deze manier vaak totaal niet overeenkomt met mijn manier van opvoeden of mijn pedagogische stijl.

In twintig jaar onderwijservaring ben ik echter geen ouder tegen gekomen die niet het allerbeste voor zijn of haar kind wil en hier, binnen de mogelijkheden, zoveel mogelijk voor wil doen. Ik heb mijzelf aangeleerd om van deze basisgedachte uit te gaan. Wat verstaan wij echter onder “het allerbeste” en wat zijn “de mogelijkheden”? Daarbij verschillen vaak de meningen tussen ouders en bijvoorbeeld de school.

Deze mening wordt bepaald door een heleboel factoren zoals cultuur, ervaringen, kennis, intelligentie, mogelijkheden, netwerk of andere zaken die er toe doen. Als onderwijsprofessional is het mijn taak om uit te zoeken waarop een bepaalde mening van ouders is gebaseerd. Waarom maakt een ouder deze keuze? Wat ligt hieraan ten grondslag? De enige manier om hierachter te komen is door in gesprek te gaan met ouders. Vaak niet eenmaal maar meerdere keren.

Wat meespeelt in dit proces is de droom die elke ouder voor zijn/haar kind heeft. Bij de geboorte hebben wij allemaal wensen en dromen voor onze kinderen. Soms blijkt dat deze droom niet haalbaar is of moet deze weg op een andere manier worden afgelegd dan wij vooraf hadden bedacht.

Het kan voor ouders heel moeilijk zijn om dit te accepteren en het vergt soms een langdurig proces. De wijze woorden van een oud-collega hebben indruk op mij gemaakt. Zij noemde dit het indruppelingseffect bij ouders. Langzaamaan krijgen ouders het besef dat het anders moet gaan en dat hun droom/wens bijgesteld moet worden ten behoeve van het geluk van hun kind. Ook dat doen ouders want elke ouder wil het allerbeste voor zijn of haar kind.

Dit is uiteraard mijn visie. Samenvattend zou het omschreven kunnen worden als empathie en begrip voor ouders met als doel om gezamenlijk het allerbeste voor hun kind te bereiken.

Een intern begeleider van een basisschool

Dan moet ik altijd hard werken en daar heb ik geen zin in

Ik probeer veel complimenten te geven. Goede kwalitatieve complimenten. Complimenten die gaan over het proces en niet over het eindresultaat. Hiermee probeer ik de mindset van onze dochter te veranderen. Dat moet. De mindset die ze nu heeft en waarschijnlijk al heel lang heeft is niet goed voor haar. Het is een fixed mindset. Ze scoort op alle facetten de maximale score. Een fixed mindset in het kwadraat dus…

Wat is dat een fixed mindset? Je hebt geen zin in nieuwe dingen, alleen als je zeker weet dat je geen fouten maakt. Je intelligentie staat vast. Als je fouten maakt projecteer je die op jezelf. Je hebt snel last van faalangst. Je hebt geen zin in nieuwe uitdagingen die moeilijk zijn. Je gaat voor makkelijk en veilig. Je herhaalt vaak de dingen die je al kan en geniet over het algemeen niet van complimenten.

Tegenover een fixed mindset staat de growth mindset. Deze mindset is het beste. Dat lees je overal op dit moment. Als je een growth mindset hebt durf je fouten te maken en leer je het meeste. Je gaat met plezier door de leerkuil, spant je graag in voor een beter resultaat. Durft dat resultaat weer ter discussie te stellen en leert op die manier weer verder.

Mijn uitleg is natuurlijk wat kort door de bocht, maar geeft het verschil aardig weer. Deze theorie zet me al enige tijd aan het denken. Hoe zit het nu en vooral hoe zit het bij onze dochter en hoe zit het bij mezelf? Onze dochter is voorlopig niet van plan om naar een growth mindset te gaan, ze weet heel goed dat iedereen om haar heen dat van haar vraagt en zegt dat dat het beste is. Vooralsnog ziet ze het zelf anders. Ze kan het piekfijn uitleggen. “Dat ga ik niet doen mama, dan moet ik altijd hard werken en daar heb ik geen zin in.”

Als ik naar mezelf kijk zie ik op verschillende vlakken een andere mindset. Op zoek gaan naar nieuwe dingen als het gaat om mijn professionele ontwikkeling vind ik heerlijk, maar zodra het gaat over de connectie met mijn fysiek zit ook ik in een behoorlijke fixed mindset. Als het gaat over het doorbreken van dagelijkse gewoontes ben ik hartstikke fixed. Het liefst gaan praktische zaken elke dag hetzelfde. De veranderingen mogen vooral plaatsvinden op het inhoudelijke vlak. Ik geloof dus dat je beide mindsets in je hebt en dat je vooral bij datgene wat je onzeker maakt en dat wat je moeilijk vindt je vaak in een fixed mindset schiet of zit.

Als ik dan met mijn gedachten terug ga naar onze dochter zit zij op sommige vlakken juist in een gigantische growth mindset. Eigen smeersels maken van shampoo en water en bloemetjes vindt ze geweldig. Allerlei zakjes, bakjes verzamelen met de leukste spulletjes vindt ze ook heel leuk. Daar weer dingen van maken ook. Zelf een spellencircuit verzinnen, een speurtocht maken, ideetjes in elkaar frutselen…noem maar op. Als je dan feedback geeft schiet ze vrij makkelijk door naar het volgende idee. Ik zie haar op die momenten genieten en plezier hebben. Moeite ergens voor doen lijkt dan geen probleem.

Eigenlijk weet ik gewoon niet goed wat ik met deze actuele populaire theorie moet die je op dit moment overal ziet en leest in verschillende contexten. Ik heb geen idee hoe ik die fixed mindset te lijf kan gaan. De tips die gegeven worden snap ik, maar zijn nog niet zo effectief. Niet bij mijn dochter en al helemaal niet bij mezelf. We doorzien daarvoor te goed dat het een theorie is. We manipuleren daarvoor te graag. Wat ik wel kan verzinnen is dat we moeten starten bij dat wat wel goed gaat, daar waar het plezier zit. Uitgaan van intrinsieke motivatie en ontdekkingsdrift.

Die bewuste leerkuil is mooi getekend en ik begrijp de bedoeling ervan. Ik vraag me af of veel mensen daar echt komen en of dat dan de oplossing is? Wil je er weer naar toe als je er eenmaal geweest bent? Hoe werkt het in onze breinen? Ik vraag me af of ik er zelf überhaupt al ooit geweest ben…of ik zelf al ooit ergens heel veel moeite voor gedaan heb en daadwerkelijk buiten mijn comfortzones heb gezocht naar echte magie…

Lizette Knuvers Mijland maart 2017