Het belang van dwalen en dralen

Doorlopen van een creatief proces

Veel hoogbegaafde kinderen hebben het moeilijk in het huidige onderwijssysteem. Ze ervaren spanning doordat het onderwijs om uitlopende redenen niet altijd passend is. Vaker een creatief proces mogen doorlopen kan voor hoogbegaafde kinderen zeer helpend zijn. Hierdoor komen ze in aanraking met een andere kijk op leren. Daarmee kan veel bereikt worden. Met name in de persoonlijke ontwikkeling, maar ook in het aanleren van nieuwe vaardigheden.

Dankzij het beeldend werken zie ik de kinderen waarmee ik werk openbreken. Ze durven beter te laten ze zien wie ze zijn en lossen problemen en uitdagingen tijdens het beeldend werken steeds sneller zelf op. Ze laten zonder aanmoediging het gemaakte werk aan anderen zien, ze reflecteren meer op zichzelf en kunnen ze beter omgaan met ingewikkelde situaties thuis en op school. De korte lijntjes tussen kind, ouders, leraren en mijzelf zijn daarbij enorm helpend. De kinderen voelen na een tijdje sterker dat ze mogen zijn wie ze zijn en staan makkelijker open om te leren.

Kiezen en switchen
Het onderwijs aan kinderen met kenmerken van hoogbegaafdheid wordt vaak ingericht met behulp van theoretische modellen, die veelal gaan over onderzoekend en ontwerpend leren. Denk daarbij aan het TASC-model. [1] Dit model omschrijft de fases die nodig zijn binnen een onderwijs-ontwerpproces. De onderzoeksfase, ontwerpfase, uitvoeringsfase, presentatiefase en de evaluatie. Deze manier van onderwijs ontwerpen is toe te juichen, omdat je hiermee de creativiteit van kinderen binnen een maakproces aanzet en verder ontwikkelt.

In de cultuureducatie wordt eveneens gewerkt met theoretisch onderbouwde modellen. Zo werkt Brabant met de Culturele Ladekast en met de Cultuur Loper. [2] Deze modellen omschrijven de stappen binnen een creatief proces. Binnen het TASC-model maak je na de ontwerpfase (het bedenken van verschillende ideeën) eenmalig de stap naar de uitvoeringsfase. Je kiest het beste idee en gaat dat uitvoeren en later presenteren. Het bedenken van ideeën noemen we divergeren en het kiezen van een idee noemen we convergeren. Binnen een creatief proces wordt geschakeld tussen divergeren en convergeren. Het ‘beste idee’ is minder relevant. In plaats daarvan kan de transfer naar de uitvoeringsfase gaan over een idee dat op dat moment het snelst uitvoerbaar is, of waarvan je het blijst wordt. Uit die eerste toegankelijke stappen ontstaan binnen een creatief proces weer nieuwe plannen en vervolgens nieuwe stappen. Je gaat van de uitvoeringsfase steeds weer terug naar de ontwerpfase. Binnen een creatief proces mag je tussen het convergeren en divergeren switchen op basis van gevoel en intuïtie. Jouw persoonlijke aanpak is altijd goed.

Soms gebeurt het switchen ook beredeneerd, ook dat is prima.Planmatigheid mag minder belangrijk zijn omdat impulsen en toevalligheden ruimte mogen krijgen. Deze andere aanpak biedt kansen in de begeleiding van kinderen met kenmerken van hoogbegaafdheid. Kinderen hoeven niet het beste idee te kiezen. Er wordt niet gedacht vanuit de overtuiging goed of fout. Perfectionisme mag losgelaten worden. Kinderen worden uitgenodigd om meer intuïtief te werken en leren daardoor directer aanspraak te maken op hun doe-kracht. Een kracht waar ze minder vaak op aangesproken worden in de schoolse omgeving. De lat kan in een creatief proces wat lager of anders gelegd worden. Toeval mag een rol spelen. Een creatief proces is dus net iets anders dan een ontwerpproces. Dát verschil duidt een andere kijk op leren, waarvoor aandacht voor executieve functies van belang is.

Ontspanning door doen
In het onderwijs wordt momenteel veel aandacht besteed aan het werken aan executieve functies, zeker ook in de begeleiding van het kind met kenmerken van begaafdheid. Executieve functies en functies die nodig zijn voor een creatief proces vullen elkaar soms aan, maar staan geregeld ook recht tegenover elkaar. De tijd kunnen bewaken tegenover het kunnen loslaten van de tijd. De taakgerichte aanpak hebben tegenover het eerst durven dwalen en dralen alvorens te beginnen. Deze fase van dralen en dwalen bevindt zich nog voor de brainstormfase. Een brainstormfase wordt gestuurd door je gedachten terwijl het dwalen en dralen ook enkel fysiek, tactiel of visueel kan zijn. Er zijn verschilldende functies die nodig kunnen zijn binnen een creatief proces:

 De tijd kunnen verliezen.
 Het vermogen om eerst te dwalen en te dralen alvorens te beginnen.
 Het vermogen om je te laten afleiden, moe te durven zijn en je te vervelen,
waardoor er langzaam weer nieuwe ideeën ontstaan.
 Het vermogen om processen voort te zetten als zich belemmeringen of
tegenslagen voordoen en kunnen omgaan met nieuwe informatie en fouten.
Vanuit de fouten en nieuwe informatie nieuwe bedenksels en processen laten
ontstaan.
 Het vermogen om de controle los te laten, te durven laten gebeuren. Impulsen
te volgen. Afleiding als fijn te ervaren waardoor er nog meer ideeën naast
elkaar kunnen bestaan.

Als je deze functies koppelt aan het intuïtiever werken, heb je een prachtig uitgangspunt. Via deze weg kun je meer ruimte creëren voor de zijnskenmerken en het welbevinden van een kind. Dat is wat ik dagelijks ervaar in mijn atelier. Hoogbegaafde kinderen zijn er volgens mij mee gebaat als ze wat vaker uit hun hoofd mogen gaan en mogen maken. Natuurlijk mag die rijke denkwereld daarbij wel ingezet worden. Veel kinderen raken overprikkeld door hun eigen gedachten en het steeds maar aan staan. Ontspanning ervaren door te doen kan het gevoel van welzijn bevorderen. Leren hoe zij die ontspanning kunnen ervaren lijkt daarbij relevant.

Sunny Day in de maak, door Cem Boztay

Hoogbegaafden hebben er baat bij als ze meer mogen genieten van mooie dingen zoals muziek, theater en beeldende kunst. Dat het genieten er mag zijn, dat hier tijd voor is en hierover interactie mogelijk is. Kinderen die minder handelend creatief zijn kunnen via het doorlopen van een creatief proces ook aangezet worden tot leren. In kleine stappen kunnen zij ervaren hoe het is om een proces te doorlopen zonder goed of fout. Voor kinderen die van nature veel beredeneren, analyseren en de lat hoog leggen is het niet eenvoudig om intuïtief te werken en de controle los te laten. Het vraagt om goede begeleiding om kinderen hiertoe te verleiden. Begeleiding met oog voor wie je bent en dat dié basis van zijn altijd goed is. Mijn motto daarbij is: “Het is goed zoals je bent, maar je kunt wel meer gaan openstaan om te leren.”

Creatieve proces begeleiden
Onderstaande tips zijn ontstaan door mijn ervaring met de thema’s hoogbegaafdheid en cultuureducatie tijdens het werken in mijn atelier met leerlingen met kenmerken van hoogbegaafdheid. Ook mijn eigen kind heeft deze kenmerken en bleek al jong een creatief talent. Zij zette mij aan tot verder persoonlijk onderzoek op deze thema’s. Mijn onderzoek bestond voornamelijk uit veel lezen, ervaren en reflecteren op wat ik zag, merkte en voelde.

Bied onvoorwaardelijk hulp
Laat leerlingen niet aan hun lot over. Help ze met het maken van keuzes, met het klaarleggen van materialen, met de start maken. Zorg voor de focus op het proces. Laat de randvoorwaarden niet belangrijker zijn. Door onvoorwaardelijk geboden hulp pakken leerlingen het convergeren binnen een proces razendsnel op. Dat wordt nog makkelijker gaandeweg omdat er geleerd wordt dat er altijd een mogelijkheid bestaat om weer terug te gaan naar de diversiteit. Elke stap is waardevol. Werk in eerste instantie individueel. Begin laagdrempelig, niet te ingewikkeld.

Zet relatie voorop [3]
Praat als het kan en laat als het nodig is. Vanuit het maakproces ontstaat vaak een gesprek, heel natuurlijk met humor, plezier en ongedwongenheid. Ga er eens bijzitten en stel vragen. Hoogbegaafde kinderen kunnen vaak meerdere dingen tegelijk en praten is fijner als je bezig bent en iemand niet de hele tijd aan hoeft te kijken.

Bied kaders [4]
Een kader kan een materiaalkeuze, een tijdsafspraak of een bepaalde ondergrond zijn. Zo voorkom je het gevoel van zweven, dat alles kan en mag. Het maken van keuzes lijkt dan onmogelijk terwijl we juist willen dat het maken van eigen keuzes steeds beter gaat lukken. Stel niet te veel kaders aangaande de inhoud.

Laat ze dwalen en dralen
Ruimte om te dwalen en dralen zonder verwachting is nodig. Er hoeft vanuit jou niets af of volgens een beoordelingskader gemaakt te worden. Neem de tijd voor de opstartfase. Stimuleer het experiment. Onderschat deze eerste prutsfase niet. Je kunt er verder in het proces heel vaak aan refereren. Ga op je handen zitten en laat het gebeuren. Ga als er niets gebeurt wel in de actie. Maak dan de beweging naar het kind toe, maar probeer niet te veel te sturen. Als sturen toch nodig is kan dat beste gebeuren middels de kaders die ik in het vorige punt noemde.

Help met bijstellen
Volg en ondersteun het kind door middel van aanmoediging, gesprek én handeling. De verwachting van het kind zelf is meestal torenhoog. Neem die verwachting serieus en probeer de ingewikkelde plannen die niet uitvoerbaar zijn samen bij te stellen. Maak daarbij gebruik van de aanwezige creativiteit en intensiteit van het kind én van jezelf. Vier de voortgang, middels het bekijken en beschouwen van alle gemaakte producten. Humor helpt hierbij.

Leer ze dat niets fout is
Alles is goed binnen een creatief proces, er kan niets fout gaan. Het proces start vanuit het kind. Het kind is zelf de opdrachtgever of geeft de opdracht mee vorm. Je biedt als begeleider voornamelijk de kaders. Als er toch iets anders gaat dan gedacht, omarm het samen als gegeven en als onderdeel van het proces, als een nieuwe weg die je kunt inslaan. Een reflectiemoment waarbinnen de voortgang belangrijker is dan het oordeel. Reflecteren op de opdracht is ook altijd goed om te doen. Als processen stagneren was wellicht de opdracht niet passend. Bijstellen is dan een mogelijkheid. Voorbeelden uit de kunsten zijn altijd helpend en inspirerend.
Klaas Gubbels maakt al heel zijn leven koffiekannen. Elke keer leert hij weer iets nieuws in het maakproces. Het motto, niets is fout, maar we kunnen wel leren krijgt op deze manier direct betekenis.

Werk aan zelfregulering en zelfreflectie
Impulsgedrag binnen een creatief proces moet gewaardeerd worden. Geef de ruimte. Een kunstenaar moet het vaak hebben van die impulsen. Doordat impulsen er mogen zijn, worden ze beter herkend en gereguleerd. Ook daar waar het niet kan of niet wenselijk is.

Leer ze omgaan met emoties
Benoem heel vaak dat het heel gewoon is om af en toe flink gefrustreerd, boos of teleurgesteld te zijn. Zeker binnen een maakproces gaat dit gebeuren. Het kan soms lastig en moeilijk zijn. Je durven uiten en durven uitleggen wat je ervaart en voelt is de weg naar een fijnere omgang met jezelf en anderen.

afsluitend een quote van mijn favoriete kunstenaar Paul Klee, die de kern van wat ik beschreven heb heel mooi samenvat.
“Art does not reproduce what we see. It makes us see”

Lizette Mijland

Ik studeerde als eerste graads docent tekenen en schilderen af aan de academie voor beeldende vorming en haalde daarna mijn Pabodiploma. Ik werkte zestien jaar in het basisonderwijs als leerkracht, vve coördinator, adjunct-directeur en directeur. In 2015 stapte ik over naar een baan als adviseur en directeur bestuurder in de cultuureducatie. In januari 2022 begon ik met Atelier Chill, waar kinderen en volwassenen met uiteenlopende hulpvragen terecht kunnen. Ik begeleid ook kinderen met kenmerken van hoogbegaafdheid in het atelier en doe dat ook op scholen met een mobiele versie. Mijn ervaringen uit het onderwijs en cultuursector en mijn ervaring als moeder van een hoogbegaafde dochter (nu 13 jaar) met een creatief brein komen van pas bij het werken met kinderen, leraren en ouders. Meer lezen kan via http://www.atelierchill.nl

Uit Talent, Tijdschrift, Talent biedt verdieping, actuele kennis en achtergrondinformatie, zodat je als professional begaafde kinderen kunt helpen bij een goede schoolcarrière. 2/2024 Jaargang 26 https://www.tijdschrifttalent.nl


Referenties
[1] Wallace B, 2000, TASC Model.
[2] Culturele Ladekast, De Culturele Ladekast is een gezamenlijke uitgave van de bureaus voor cultuuronderwijs, 2013 / De Cultuur Loper, De Cultuur Loper is een traject dat ondersteuning biedt aan intermediairs cultuureducatie om in samenspraak met de school een creatief proces in te richten en te doorlopen. Kunstloc Brabant. 2018
[3] Bakx, A. W. E. A. (2019). Begaafde leerling zoekt leerkracht [Inaugurale rede,
Faculteit Sociale Wetenschappen]. Radboud Universiteit.
https://hdl.handle.net/2066/202618
[4] Weterings, A. & Plamer, S. (2021). Begrijpen met je handen. Een andere kijk op kind en creativiteit. Bohn, Stafleu, van Loghum.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.