Daar ga ik voor!

Wat is passie en heb je dat nodig om onderwijs te geven? Om het vol te houden, daar waar het beroep in al zijn facetten toch aardig onder druk staat. Een passie voor onderwijs? Het klinkt bijna een beetje soft. Zoiets als een roeping. Zelf moet ik dan meteen aan Florence Nightingale denken die bij een ieder bekend staat om haar grenzeloze toewijding en grote deskundigheid op het gebied van de zorg aan zieken. Of ik denk aan moeder Teresa. Getroffen door het lot van daklozen, zieken, zwervende en stervende kinderen. Ze besloot zich te wijden aan deze armsten der armen.

En zo zijn er natuurlijk meer te noemen. Vrouwen en mannen die zichzelf wegcijferen en volledig vol passie gaan voor het welbevinden van de ander. Een betere wereld, een eerlijkere wereld en daarbij altijd de behoeften van de medemens in de gaten houdend. Zonder winstbejag of eigenbelang maar volledig dienstbaar aan de ander. Nou niet dus, niet ik. Ik ben daarvoor niet in de wieg gelegd. En hoezeer ik deze mensen ook bewonder om hun gedrevenheid en vechtlust, ik kan dat niet. Ik wil dat niet.

Dus dat is passie niet voor mij, maar wat is het dan wel? Ik ben namelijk wel van mening dat werken in het onderwijs je als persoon ook iets moet brengen. Hoe kun je anders al zo’n 30 jaar in het onderwijs werken en nog steeds blij worden van de opmerkingen van kinderen, de trotse koppies als ze iets nieuws hebben geleerd, de onzekerheid over hun plek binnen een groep of ze dat ene geheimpje wel of niet met je zullen delen. Eigenlijk weet ik wat ik niet wil voor kinderen. En doordat ik weet wat ik niet wil, weet ik steeds beter wat ik wel wil. Wat ik wil en waar ik verantwoordelijkheid voor wil dragen. Waar ik blij van word en waar mijn leerlingen en team blij van worden.

Ik ben een echte ervaringsdeskundige op het gebied van basisscholen. Niet jokken want in mijn tijd heette het nog lagere scholen. Ik heb er vier mogen bezoeken als kind in drie verschillende woonplaatsen. Dus ook in die tijd drie verhuizingen mee mogen maken. Ik verhuisde in mijn kindertijd van Amsterdam naar Castricum, vervolgens naar Doorn en daarna naar Heiloo. Voor een kind best onrustig, we gingen daar waar mijn vader heen ‘moest’ voor zijn werk. Daarentegen  had ik een moeder die er gewoon altijd was. Het veelbetekenende ‘plaatje’ van die thee met koekjes als je thuiskwam.

Ik kan me van de verschillende scholen niet heel veel meer herinneren qua onderwijsinhoud. De verschillende juffen en meesters wel. En bepaalde momenten die ik als heel intens heb ervaren. Het binnenkomen in een lokaal, in de groep. De eerste schooldag na een verhuizing. Het gevoel van alleen staan en daartegenover het gevoel van je welkom voelen. Dat laatste gevoel en de meester die daarbij hoorde, kan ik nog heel goed oproepen. Deze herinnering van er mogen zijn, je welkom voelen en worden gezien heeft mij het vonkje, de passie voor onderwijs, bijgebracht. Meester Oostveen was er toen ik hem nodig had en voor de eerste keer met andere leerlingen moest samenwerken. Wat vond ik dat spannend. Hij geloofde in me toe ik dacht dat ik dingen niet kon. Hij was geduldig, had humor, was eerlijk en altijd geïnteresseerd.

Daar ligt mijn passie. Het goed willen doen en het verschil kunnen maken. Door een woord, een blik of een kleine verandering. Nog steeds geniet ik van de momenten dat ik voel en zie dat wat ik zei of deed, het verschil mocht maken. Dat verhaal dat ondanks angst voor falen toch wordt geschreven door die leerling in groep 7. Het gesprek met ouders waar je elkaar de hand geeft en bedenkt:” Het is goed, we hebben het zelfde doel voor ogen.” De oud-leerling die je aanspreekt en vertelt hoe hij je herinnert en wat hij na zijn basisschool is gaan doen. De kleuter die bij je op schoot kruipt als hij gevallen is en troost zoekt. De caissière die vertelt hoe gelukkig ze is met haar baan en je bedankt omdat je er voor haar was toen haar vader overleed. De groep 8 leerling die zijn advies krijgt en zegt:”Meer dan mijn best na 8 jaar hard werken, kan ik niet doen toch juf Karin?”

Maar ook gewoon het enthousiasme van mijn leerlingen als ze belangstellende ouders vertellen hoe een dag erbij ons op school uit ziet en in wat voor fijne groep ze zitten. De kleine aanpassingen die je doet om je leerlingen die aha ervaring te geven zoals dat meisje dat geld rekenen zo moeilijk vindt en dat je haar na de uitleg en het oefenen in de winkel bij de kleuters laat spelen en haar de supermarkt in de wisselboek laat runnen. 

Mooi, kwalitatief en betekenisvol onderwijs. Daar ging ik voor en daar ga ik voor. Nu alweer bijna 30 jaar. Onderwijs waar leerlingen uitgedaagd worden om na te denken, om oplossingen te bedenken,  om nieuwsgierig te zijn en om vragen te mogen stellen. Een school waar kinderen niet van 8.30 uur  tot 14.00 uur invuloefeningen zitten te doen, steeds weer vragen na een leestekst moeten beantwoorden, in groep 3 vele werkboekjes per jaar voor technisch lezen door moeten worstelen of dag in dag op hun stoel en aan hun tafel aan het werk zijn.

Ik wil werken op en verantwoordelijkheid nemen voor een school waar leerlingen een rijkdom aan kennis en ervaringen meekrijgen en ze mogen ervaren dat je op heel veel manieren en plekken kunt leren. Waar kinderen weten dat ze moeten oefenen en dat goed kunnen lezen en rekenen voorwaarden zijn om je doelen te bereiken. Een school waar jonge kinderen nog lekker kunnen spelen en leren nog leuk en fijn mag zijn. Een school waar we ons prettig en welkom voelen en we filosoferen en nadenken over hoe dingen anders kunnen, mogen of moeten op school of in de wereld. Waar we als team en leerlingen terugkijken en weten dat we meer dan ons best hebben gedaan en we hebben geleerd van onze fouten. Het is en blijft maatwerk en mensenwerk dat realiseren we ons heel goed.

Daar wil ik voor blijven gaan de komende jaren.
Een passie?
Ach nee, dat niet.

Maar wel nog steeds een grote ‘drive’ om het verschil te mogen maken.

Karin Donkers
Schoolleider/leraar

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *