Passie voor …

Het is misschien een modewoord aan het worden of wellicht is het dat allang. Voor mij is het wel iets essentieels. Passie zit in iedereen. Sommigen hebben het heel veel, sommigen hebben het teveel. Bij anderen valt het niet op, zij lopen er niet mee te koop. En wat mij betreft is er ook een groep die zijn passie nog niet ontdekt heeft en aan het zoeken is.

Ergens oprecht van houden en kunnen genieten geeft je in ieder geval energie en dat is wat we nodig hebben in het onderwijs. Energieke collega’s die elke dag weer genieten van hun vak, van hun kinderen, maar ook van hun collega’s. Collega’s die trots zijn op hun vak, op hun school, maar vooral ook op zichzelf.
Passie is er dus in allerlei gradaties en allerlei vormen. De manier waarop jijzelf daar zelf vorm aan geeft, die bij jou past is altijd goed.

Lees verder

Mijn advies werd daardoor uitgebreider en persoonlijker

Toen ik afstudeerde had ik een lange schoolloopbaan achter de rug, langer dan nodig was.

Na de mavo, naar de havo, want ik wilde juffrouw worden. Wat viel die pabo tegen. Niet de opleiding, die was top. Leuke vakken, veel uitdaging. Niet de kinderen, daar deed ik het voor. Maar wat deed mij dan wel stoppen? Eerlijk? Mijn eigen lange schoolloopbaan met mijn eigen problematiek, het onbegrip dat ik toen nog moest verwerken… Alles kwam tijdens de tijd op de Pabo keihard terug.

Lees verder

Ik moest er erg naar zoeken

Ergens halverwege de jaren negentig gebeurde het. Er ging bij mij voorzichtig een vuurtje aan. Een nieuw vuurtje. Mijn passie voor onderwijs begon naast mijn passie voor de kunsten te groeien, daar op dat moment in de collegezaal van de Academie voor Beeldende Vorming. 

Onderwijskunde heette het vak dat ik daar volgde. Mijn docent was Edith van Montfort. We moesten een presentatie houden. Geen idee meer waarover, maar ik herinner me het gevoel dat ik kreeg tijdens die presentatie nog goed. Ik werd er blij van. Het was spannend om voor de groep te staan, maar ook gaaf. Ik kreeg er een kick van om het verhaal goed te vertellen. 

Lees verder

De passie voor onderwijs is een blijvertje

Mijn moeder vertelt me elke keer als ‘het verleden’ ter sprake komt, dat ik van jongs af aan juf speelde. Als er kinderen voorhanden waren, dan zette ik die in mijn klas. Anders deed ik het wel met poppen. Ach, ik was een jaar of zes- zeven.

Mijn basisschooltijd bracht ik door op een echt Katholieke Montessorischool. Naast het klooster en met een ‘zuster (Theresia) als hoofd van de school. ‘Je moet er wel een kind voor zijn’ hoor je vaak. Nou dat was ik dan blijkbaar. Montessori onderwijs maakte mijn leren leuk. Dat is tegenwoordig in de zwart/wit discussie natuurlijk uitgesloten om te zeggen. Directe Instructie …nou ik kan het me niet herinneren.

Wel plannen en organiseren van weektaken, samen leren en elkaar helpen bij verschillende vakken. In de zesde klas heb ik het grootste deel van mijn tijd doorgebracht in de eerste klas, als hulp van de juf.

Lees verder

Ik hoor muziek naast me

Ik hoor muziek naast me. Ik beweeg mijn tenen, mijn vingers. Langzaam doe ik mijn ogen open. Ik kijk op mijn wekker. 6:50 u. Ik hoef dus niet te werken, want anders zou mijn wekker al om 6:00 u af zijn gegaan. Dat betekent dat het donderdag is. Opgelucht druk ik op de snooze-knop van mijn wekker. Het is voorbij, het schooljaar. Het is me gelukt en ik leef nog. 

Het was een bijzonder jaar. Ik startte dit jaar met mijn duo waar ik al een paar jaar samen een klas mee draaide. Ik deed de klas op dinsdag en woensdag. Zij op maandag, donderdag en vrijdag. Nog voor de herfstvakantie viel zij uit. Vanaf toen stond ik dus ook op de maandag voor de klas. En op donderdag en vrijdag kreeg de klas verschillende invalkrachten. Ik probeerde ervoor te zorgen dat ook zij de klas zo goed mogelijk konden draaien. En daarnaast bedacht ik leuke lessen om het onderwijs meer ervaringsgericht en uitdagender aan te bieden. 

Lees verder

Passie, voor wie het doorheeft.

Degene voor wie Mokums niet direct gesneden koek is, zou kunnen denken dat Johan Cruijff gezegd heeft: ‘Je gaat het passie als je het doorhebt.’ Maar Cruijff was als voetballer en trainer een vakman, dus dat kan ik me maar moeilijk voorstellen.

Van de ene JC naar de andere JC is, gezien de religieuze status van sport in het algemeen en voetbal in het bijzonder, maar een kleine stap. Van de andere JC hebben we geleerd dat je met passie maar beter kunt oppassen. Passie en hartstocht zijn synoniemen en ‘tocht’ betekent in het woord hartstocht ‘trekken.’ Iets trekt aan je hart. Dat doet pijn. Passie, een woord dat aan het begin van de dertiende eeuw onze taal binnensloop, betekent lijden. Dat is niet zo verwonderlijk, want passie verwijst naar het lijdensverhaal van Jezus Christus. In elke katholieke kerk hangen de staties, die het lijdensverhaal uitbeelden. Passie is prachtig, maar ook afschuwelijk, denk ik telkens als ik de veertien schilderijen zie.

Lees verder

Een sprong in het diepe

De verhalen zijn terug. En met de de verhalen ook de discussies. Discussies over goed onderwijs. Over hoe leerlingen te motiveren en betrokken te krijgen? Hoe leerlingen aan te spreken op hun verantwoordelijkheden? Hoe om te gaan met toetsen en lesvoorbereidingen? Waar waren die dan, zul je je misschien afvragen? En waarom waren ze er niet?

Ze zijn natuurlijk nooit weggeweest, maar wel binnen de muren van dit huis.

Lees verder

Hoe een orkaan de school nog belangrijker maakte

Als begeleider en trainer Early Childhood werd ik afgelopen september uitgenodigd door de Stichting Katholiek Onderwijs (SKOS) in Sint Maarten om mee te kijken naar de pedagogische kwaliteit van kinderopvang en onderbouw van hun zes scholen. Ik was er jaren niet meer geweest en onder de indruk van het werk wat in de tijd tussen mijn bezoeken verzet was door de pedagogisch medewerkers,  leerkrachten en ondersteunende collega’s. De scholen zagen er goed uit, volop materialen, overal airco. Een grote diversiteit aan werkvormen en activiteiten. Oudere gebouwen waren opgefrist in vrolijke verfkleuren. We werkten een intensieve week samen. Ik mocht meekijken, sparren, coachen, trainen. De focus lag op de pedagogische sensitiviteit en interactie. Op er zijn voor de kinderen. Het fundament leek een heel eind op orde, nu was verfijning, verdieping en verbreding nodig. Natuurlijk viel me de onrust op de aankondiging van orkaan Irma op. Ik zag volle karren en rijen in de supermarkt en mensen die hun huizen verstevigden en losse voorwerpen naar binnen zetten. Maar de ernst van de situatie drong nog niet tot me door. Sint Maarten had meerdere orkanen overleefd en leek goed voorbereid. Een dag nadat mijn vliegtuig terug landde op Schiphol, kwam Irma in vol ornaat aangestormd en deed haar verwoestende werk. Na een paar dagen geen enkel contact, behalve dan af en toe een nieuwsflits of internetfilmpje, zag ik op televisie de enorme ravage die zij had aangericht. Eén school was volledig verwoest, de andere scholen hadden flinke schade opgelopen. Veel kinderen en collega’s hadden geen goed bewoonbaar huis meer.  Oud collega’s van SKOS hier in Nederland startten direct een inzamelingsactie, samen met kinderen en scholen, voor de scholen. En op Sint Maarten kwam na de eerste verslagenheid ook de veerkracht terug: De kinderen moesten weer naar school. Om te ontmoeten, spelen, hun ervaringen te delen, ritme in de dag te krijgen.

De schade werd opgenomen. Er werd gekeken hoeveel leerkrachten er nog waren, hoeveel lokalen er nog intact waren, hoeveel kinderen nog op het eiland waren. En zo snel als maar mogelijk was, waren scholen weer open. Gehavend, maar toegankelijk. Met open armen voor de kinderen.

Door documentaires als  ‘100 dagen na orkaan Irma’ komen de beelden van het eiland en de scholen opnieuw mijn huiskamer binnen. Ik zie bekende gezichten, vertrouwde plekken en een indrukwekkende energie om te heropbouwen. Het fundament is weg. Het eiland is kapot. Maar de focus op de scholen is in alles zichtbaar: Er zijn voor de kinderen. Continuïteit, een vertrouwde plek, verhalen kunnen delen, structuur, ritme en betekenis aanbrengen in je leven. Zo snel mogelijk terug naar ‘normaal’.

Dit onderwijsmoment heeft me opnieuw duidelijk gemaakt hoe belangrijk onderwijs is voor kinderen en voor een gemeenschap. Scholen zijn ontmoetingsplekken, waar je mag zijn met volwassenen waar je op kunt bouwen. Waar je verhalen en pijn kunt delen, maar ook lekker kunt spelen. Diepe buiging voor mijn collega’s op Sint Maarten! Voor hun moed, veerkracht en doorzettingsvermogen. Kanjers!

Wilma van Esch (wilmavanesch.nl) is spreker, schrijver en procesbegeleider in KO, PO en HBO. Sint Maarten heeft onze hulp nog steeds heel hard nodig: http://www.staystrongsxm.nl

“Goedemorgen meneer Dekker, slaapt u nog lekker?”

Dat vraag ik me serieus af. U zult zich toch ongetwijfeld een beetje ongemakkelijk voelen de laatste tijd en de slaap niet altijd kunnen vatten. Of legt u al die kritische kanttekeningen naar aanleiding van uw beleid zo naast u neer. Daar lijkt het vaak wel op.

Toch zou ik u willen vragen om deze brief eens aandachtig te lezen. Ik weet zeker dat u dat kunt, dat heeft u namelijk al enige tijd geleden geleerd van één van mijn collega’s. Die heeft zijn/haar uiterste best gedaan om u te leren lezen namelijk, maar ook te rekenen. Dat is ook heel fijn, want wij rekenen namelijk op u. Mocht dat niet goed uitvallen houdt u er dan rekening mee dat wij daar niet langer mee akkoord gaan, reken daar maar op!

Schrijven, dat doet u toch ook. Ook dat heeft u namelijk op school geleerd. Mooie stukken kunt u maken hoor. Wat betreft vorm dan in ieder geval. Prima opbouw, mooie volzinnen en ook de interpunctie is in orde. Daar kunnen wij nog wat van leren.
Inhoudelijk mankeert er wel het e.e.a. aan en dat is wel jammer, maar ja als het om de inhoud gaat dan wordt het natuurlijk wel een stuk lastiger. Daar komt ook een stuk gevoel bij kijken, dat je nadenkt over wat je schrijft.
Daar gaat het lastig worden, want bij het spreken heeft u ons al laten zien dat dit niet uw sterkste kant is. Daar heeft de juf/meester niet helemaal bereikt wat hij/zij zou willen. Want dat doen wij namelijk ook nog. We zorgen er ook nog voor dat “onze kinderen” goed in hun vel zitten, zich veilig voelen, niet pesten en besef hebben van normen en waarden. Daar is het dus bij u helaas niet helemaal goed gegaan, maar het valt ook echt niet mee om al die kinderen, die allemaal hun eigen behoeftes hebben precies te geven wat ze nodig hebben, dat begrijpen wij heus wel, maar toch …..

“Goedemorgen meneer Dekker, slaapt u nog lekker?”

Bent u er nog bij? Begrijpt u wat ik probeer aan te geven. Wij doen er echt toe, wij zijn belangrijk voor dit land, voor de economie en voor onze toekomst. Dat doen wij echt niet alleen, want samen met de ouders van al deze prachtige kinderen en onze collega’s uit het VO (Ja, die met die lastige pubers werken, u kent ze wel) maken wij van ieder kind een volwaardige deelnemer aan de maatschappij. Dat ons dit niet altijd lukt zoals we dat het liefst zouden hebben dat vinden wij zelf vooral heel erg vervelend, omdat we namelijk het beste uit ieder kind willen halen.
Zoals mijn collega’s van PO in actie al aangaven is het “vijf voor twaalf”.
Kloklezen kunt u ongetwijfeld ook, want ook dat hebben we u geleerd op school. Wat we eigenlijk bedoelen is dat het bijna te laat is. Te laat om tot actie over te gaan en ons echt serieus te nemen.
U bent nu echt aan zet!

En kom nu niet met oplossingen, die het probleem niet oplossen. Natuurlijk zijn er mensen met een onderwijsbevoegdheid die nu niet werken, maar heeft u zich ook afgevraagd waarom dat zo is?
En natuurlijk zijn er collega’s uit andere sectoren die wel over willen stappen. Daar zitten ongetwijfeld hardwerkende en capabele mensen bij, maar ik vind dat u ons en de kinderen wel tekort doet door hen met een omscholing voor de klas te zetten.
U moet vooral zuinig zijn op de mensen die er nu zitten en ons mooie beroep voor jonge mensen weer aantrekkelijk maken. Dat kan door ons serieus te nemen, de werkdruk te verlagen door extra handen in de klas en een passende beloning te geven voor het werk wat wij doen. Neem een keer een kijkje in Finland dan kunt u zelf zien wat de effecten hiervan zijn.

Vandaag hebben wij de scholen één uur gesloten. Dat doen wij niet, omdat we dat graag willen, want we willen niets liever dan werken met “onze kinderen”. We doen dat, omdat u ons geen andere keus laat!

In deze brief wil ik u alleen maar aangeven hoe belangrijk wij zijn. Wij mogen trots zijn op wat wij in samenwerking met ouders met onze leerlingen bereiken. We mogen onszelf op de borst kloppen, elkaar een schouderklopje geven en hier en daar een veer stoppen, maar daar zijn we niet zo goed in. Wij vinden het namelijk gewoon ons werk. Het is gewoon ons werk om ervoor te zorgen dat kinderen zichzelf later een plaats weten te verwerven in onze maatschappij.
U bent daar in de basis een mooi voorbeeld van. Onze collega’s hebben ervoor gezorgd dat u in ieder geval de tools heeft gekregen om uiteindelijk staatssecretaris te worden. Uiteraard heeft u daar zelf op latere leeftijd ook nog
een groot aandeel in gehad, maar wij hebben gezorgd voor een solide basis. Het blijft jammer dat u dat niet weet te waarderen, maar u heeft nog een paar minuten.

Dat we niet op alle gebieden bereikt hebben wat we wilden bereiken dat is wel duidelijk, maar we hebben er echt alles aan gedaan! Wellicht dat we in een verlengde instructie samen de puntjes nog een keer op de i kunnen zetten, dat zou mooi zijn.

Het wordt tijd voor actie meneer Dekker. Wees verstandig en zorg dat die actie van uw kant komt! Zo niet, dan doen wij dat wel.

Ik vraag het u voor de laatste keer: “Goedemorgen meneer Dekker, slaapt u nog lekker?”

Met vriendelijke groet,
Jurgen Blakenburg